Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

►die weeke harten binnen... en daar worden levens verwoest en een schuldeloos kind gaat ten onder, om de Waarheid. Wie durft staande houden dat dokter Stockman een „slechte daad" deed, toen hij „de Waarheid" uitbazuinde van de daken zijner verdorven woonplaats — wie echter durft zeggen dat Gregers Werle een „goede daad" deed, toen hij den zwakken Hjalmar Ekdal den blinddoek van de oogen rukte? Hier heeft „De Waarheid" zooveel kwaad aangericht als de leugen ooit vermocht, elders verwoest de „deugd" meer geluk, dan ooit de „ondeugd" kon. Is het niet Genoveva's edelaardigheid, die de schuldige liefde aanwakkert in Golo's hart, is het niet haar vlekkeloosheid, haar weigerachtigheid om de geringste zonde te begaan, die hem brengt tot zijn misdadige razernij? Was hiet de som van „geluk" en „ongeluk", van „schuld" en „boete" niet geringer geweest, als „deugd" voor „ondeugd" ware geweken?

„Goede menschen" zijn er niet — maar „goede daden" evenmin. In het stijgend licht der zelfonderscheiding is ook deze gesteldheid, dit oude dogmatisme opgeheven, vloeien „Het Volmaakte" en „Het Onvolmaakte" in elkaar over. Geen daad is „goed" of „slecht", maar uit elke daad, als eenmaal uit die van Orestes, spruit „goed" en „kwaad" gelijkelijk, omdat geen ding op zichzelf, maar in zijn verhouding tot al het andere, als relatie en functie pas bestaat, zijn waarde en zijn beteekenis krijgt. Niet heeft de mensch door zijn „goede daad" aandeel in het Volmaakte, want de „goede daad" is er niet en „het Volmaakte" is er niet. Deze tweede schrede tot de erkenning moest noodzakelijkerwijs -de eerste volgen — alle dogmatisme moet vooraf her-steld worden, zal het opgeheven kunnen worden in de Eenheid, zooals we dat eerder hebben uiteengezet.

Maar met de gedachte aan „zedelijk tekort" is nu ook

Sluiten