Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

leverancier verleent? Voor de republikeinsche aristocratie?

„J'ai bu dans les banquets paitriotiques le vin qui engendre la métaphore et la proxopopée."

Voor Pierre Strozzi? Hoe deze hem haat om de daad, die bij zelf had willen plegen, die zijn naam ontluistert, Pierre Strozzi, die zich met den eenen tyran — den Franschen Koning — tegen den anderen — den Duitschen Keizer, verbindt om zelf te schitteren op de eerste plaats. Ook hem, den ambitieuzen tyrarmen-dooder, den pseudo-Brutus, kennen we uit de Renaissance. Minder dan Fiesco, die bezwijkt voor de verleiding van purper en kroon, maar althans de edelste voornemens bezat, zoekt zich Pierre Strozzi te bedienen van de RepubUkeinsche leus, tot eigen verheffing. Voor Philippe Strozzi, den edelen ouden philosoof ? Was hij niet zaliger gestorven in zijn zoete illusiën, schoon onvervuld, schoon treurend en geknakt onder het verlies van zooveel kinderen, dan teleurgesteld en ontgoocheld, al beleefde bij Lorenzo's eerherstel, al werden zijn kinderen gewroken? Voor wie? Voor niemand. En het bitterste: Lorenzo ervaart dit niet daarna, maar hij weet het vooraf. Hij weet dat de menschen laf en kortzichtig zijn, niet verder begeeren dan eigen belang, onvatbaar voor bovenpersoonlijke idealen en verlangens, en toch...

„Mais pourquoi tuieras-tu le duc, si tu as des idéés pareilles?" Op die vraag van Philippe volgt dan de hartstochtelijke ontboezeming, die ons de Daad als Lorenzo's laatste realiteit, zijn laatsten levensgrondslag openbaart. In de verwarring van „schijn" en „wezen" ging zijn illusie, ging zijn persoonlijkheid ten onder. Hij noemt zich een skelet, waarin de Daad de laatste levenssprank — „1'ombre de mod-mêmie —... de Daad „le seul fil qui rattache mon coeur a quelques fibres de mon coeur d'autrefois."

„Je glisse depuis deux ans sur un mur taillé a pic, et ce

Sluiten