Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vaardige maatschappelijke verhoudingen streefden, werd „De Partij" haar eigen doel en werd aan de macht en grootheid van „De Partij" datgene het eerst en het grifst opgeofferd, waarvoor ze heet te zijn gesticht: vrijheid en rechtvaardigheid. Met welk een snijdend sarcasme vertoont Ibsen in „De Volksvijand", in „De Bond der Jongeren», in „De Steunpilaren" den sociaal-democratischen journalist die voor „De Partij» de hoogste, de edelste belangen zonder aarzelen vertreedt en ziet vertreden.

Evenals de Kerk, slaat „De Partij" een al te grooten persoonlijken ijver, een al te feilen drang naar individueele volmaking, eerder met wantrouwen dan met welgevallen gade. „Pas trop de zèle" was het parool van de Katholieke Restauratie — het is evenzeer het parool van de socialistische collectiviteit. De jonge seminarist, van wien Stendhal vertelt in zijn „Le Rouge et le Noir", die het hoogste cijfer m dogmatiek (en wil men het nog rechtzinniger?) behaalt, wordt met een zeker wantrouwen aangezien.

Een nieuw moment in de vorming der „Eerste Internationale Collectiviteit" is de drang naar wetenschappelijkheid. Lieden voor wie „Marx" niets dan een idool is en „Hegel" niets dan een klank, hebben niettemin de constante behoefte, Marx als „leerling van Hegel" den volke te pre- 1 senteeren - en dit maakt een te zonderlinger indruk, als men weet dat heel Europa - reactie en revolutie - zich in den I tijd, waarin Marx opgroeide, leerling van Hegel kon noemen en dat^ b.y. in Toergenjef's „Vaders en Zonen» èn de „vaders" én de ,,zonen" met onaantastbare Hegelische argumenten komen aandragen! Zoo kan men ook wel zeggen dat Bossuet een leerling van Jezus Christus was — maar -er is met dat al bitter weinig overeenkomst tusschen het Evangelie van Jezus Christus en het Evangelie van Bossuet. Trouwens, we zagen het, dat geheele „leerling»-schap is een

Sluiten