Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zou dan niet een deel in de Bloedschuld van wien naar Recht streeft en waarbij men zelf verarmt en gevaar loopt verkieslijk blijven boven deel in de schuld van wien naar Onrecht streeft en waarbij men zelf veilig zit en zich verrijkt? Geen zedelijke frasen en geen intellectueele hoovaardij kunnen hier baten: dit zijn de beide mogelijkheden, tertiurn non datur!

Maar wie aldus het Leven doorziet, hem zijn Geloof en Hoop wel voorgoed ontvallen — hij heeft ze ontmaskerd, herkend als de lokmiddelen, waarmee de mensch wordt opgedreven naar de zelf-negatie, deel van zijn functie tot het. Absolute, zooals de liefde dat andere nimmer-falende lokmiddel is, waardoor de mensch de zelfbestendiging van het Absolute, en niet alleen onder de categorie der lichamelijke voortplanting voltrekt en de Haat, dat nimmer-falende lokmiddel, waardoor het Absolute bij middel van den mensch de versmelting der afzonderlijkheden, dat is de eigen zelfopheffing, keert. *

Van dien aard weet de volslagen-bewuste mensch voortaan Geloof en Hoop.

De volwassene houdt het kind, dat loopen moet leeren, uit de verte een blinkend voorwerp, de blanke maan, de stralende zonsondergang! — als een lokmiddel voor. Het ijlr met uitgestoken handen op het begeerde toe — en altijd verder wijkt het van hem terug en nimmer zal 'hij het bemachtigen — maar het loopt, het loopt! En om dat „loopen" — om die menschelijke activiteit, waardoor het Absolute, zichzelf verwerkelijkt, het Woord zichzelf vervult, daarom alleen is het te doen. De blinkende maan, de stralende zonsondergang — ze bestaan niet, alle illusies, alle Geloof en Hoop tezamen, ze hebben geen anderen dan hun functioneel en inhoud.

Wanneer „het kind" — de mensch, die dat kind is — wan-

Sluiten