Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wanneer het dan gebeurde, dat gij uwe gave op den altaar bracht, en aldaar indachtig werd, dat uw broeder iets tegen u hééft, zoo laat daar uwe gave voor den altaar, en ga heen, en verzoen u eerst met uwen broeder, en offer dan uwe gave:

Een schok ging door de zusters heen van een plotselinge sidderende ontroering. Uw broeder... als gij indachtig werd, dat uw broeder iets tegen u heeft... 0, God! God in den hemel! werd dat op hèn gezegd... wist hij, daarginds op den preekstoel, dan alles van hun levensomstandigheden af? was het een maning, een dreiging: ga heen, en verzoen u eerst met uwen broeder... was het een waarschuwing, waaraan zij gehoorzamen moesten?

Met schuwe oogen en stomme, bevende lippen blikten zij even naar elkander op, maar zagen dadelijk weer vóór zich, tot in het diepst van hun wezen ontdaan, bleek, en met gêbogen hoofd.

Uw broeder... o... Cornelius... Cornelius... van wien zij nu al zoovele jaren gescheiden leefden .., zou een verzoening mogelijk zijn ...

Het hart klopte hun in de keel van een warme, al hun zenuwen doortrillende emotie. Het was, of er in hun ziel iets was open-gebroken met plotselinge, heftige kracht, iets wat zij altijd hadden onderdrukt met wilsvaste energie, eerst uit overtuiging, toen door redeneering, later door de onverschilligheid der gewoonte...: de liefde voor hun broer, en hun verlangen naar hem.

0, hun broer... hij was toch hun broer... van wien zij zich willens en wetens hadden ver-

Sluiten