Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kind een rank figuurtje had en een fijn, ernstig gezicht, zag hij er toch uit als een klein aristocraatje, ondanks zijn eenvoudige kleedij. Van Schotsche pakjes of costuumpjes a la Charles IX wilde de practische Annemarie niets weten, voor haar was het genoeg, als de jongen „knap en heel" voor den dag kwam, en zij had natuurlijk gelijk. Maar vóórhaar dochtertje, de kleine Cornélie, liet zij toch gelukkig haar degelijken zin varen, en zoo zag het snoeperig ding er alleraanvalligst uit in haar capuchon-manteltje van roode cachemire met smalle randjes grijze vair *) omzet.

De oude, overoude Kaatje Biljart, die Cornelius en Annemarie door alle lotswisselingen heen onveranderlijk trouw was gebleven, en die, nu zij eenmaal haar hofjesplaats had, ook niet meer schroomde openlijk bij hen te komen, die zells een vasten dag in de week had, waarop zij bij Annemarie kwam „tarnen", voor welk doel zij dan altijd medebracht het scheermes van wijlen haar man, den koetsier van Van Everden, en waarvoor zij beloond werd met vijf en twintig eenten en een overvloedigen maaltijd van appels en aardappels door elkaar met zacht gehakt, haar lievelingspijs, — de oude Kaatje Biljart, verrukt om de toenadering van Cornelius' zusters, was expres gekomen om de familie te begeleiden. Haar vriendelijk, geel-gerimpeld gelaat lachte van vreugde, en haar kleine zwarte oogjes glansden als donkere kersen.

*) Wat wij noemen petit gris.

Sluiten