Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— Ach, riep ze maar, ach, dat mg'n mevrouw zaliger dat eens had mogen beleven!... maar Cornelius, die, het kostte wat het wilde, zgn gelukkige stemming gaaf wilde bewaren, en geen pijnlijke gedachten toegang wilde geven, praatte er druk over heen.

Kaatje verzocht om de gunst Cornélietje te mogen dragen, en Cornelius, die er niet veel tegen had, om bij de zusters in een statigen optocht aan te komen, stemde- vroolijk toe.

Zij gingen. Cornelius liep gearmd met Annemarie; hen volgden Kaatje met Cornélie, en Peter. En hoe meer zg het huis zijner zusters naderden, hoe meer Cornelius zijn hart voelde kloppen; de herinneringen stormden op hem aan met onweerstaanbare kracht; hg werd weer jong en vol levenslust en moed, en toen de voordeur op zijn bellen geopend was, liep hij de dienstmaagd voorbij in zijn driftig, ongeduldig verlangen; en een oogenblik later voelde hij Aagjes armen om zijn hals, en kuste hij haar en drukte hij haar aan het hart, totdat hij haar los-liet, om Keetje in zijn armen te sluiten in een even opgewonden onstuimigheid.

Hij stond toe te zien met een lachend hoogrood gezicht, hoe Aagje, tactvol, Annemarie's wat stugge houding overwon, door haar hartelijk welkom te heeten met een zoen op iedere wang, en hoe Keetje Aagje's voorbeeld wat kalmer volgde, en hoe Aagje Peter bij de hand nam, en vriendelijk vroeg:

— En ben jij nou m'n neefje Peter? Ik ben je tante Aagje. En lust je wel een gebakje, ja?

Sluiten