Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat ik moed moest voorwenden, kreeg ik waarachtig werkelijk moed!

— O, ja, ik herinner me! riep Aagje opgewekt, wat 'n avontuur! We kwamen terecht op 'n eilandje, waar we in 't riet vast-raakten en jullie jongelui waadden naar de kant, maar wij werden naar land gedragen, o, ik zie 't nog, meneer Hesseling droeg moeder in zijn armen, en zij lachte zoo, en 't was zoo mooi, 'n schilderij, die twee knappe menschen... o! Er ontsnapte haar een kleinen kreun bij het overweldigend gevoel der herdenking; overstelpt van smart sloeg zij even de handen voor de oogen. Het was haar, of zij toen reeds, toen reeds, als argeloos, onwetend kind, gevoeld had, hoe die twee bij elkaar behoorden ... Zij had het gezegd over haar moeder en Hero Hesseliing, omdat zij zóó levend het tooneel weer had vóór zich gezien, maar als zij één moment had kunnen nadenken, dan had zij natuurlijk gezwegen ... gezwegen ...

Cornelius zag haar ontroering, en hij meende, dat die veroorzaakt werd door de gedachte aan wat haar later bekend was geworden omtrent de verhouding tusschen die beiden. O! hoe goed kon hij het begrijpen, dat zij werd meegesleept door de vele voorstellingen, die zij samen opriepen uit hun bloeiende jeugd ... en hoe voelde hij het mee, dat zij een snelle, scheurende pijn onderging bij het onschuldig noemen van die beide namen tezamen ...

— Ja, zei hij haastig, om haar af te leiden, want Annemarie behoefde de diepere beteekenis

Sluiten