Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de vrouwen op hoopen gegooid. De politie vluchtte naar het dak, en wierp vandaar met dakpannen naar beneden. De oproerlingen haalden de lantaarns uit den grond, en liepen er storm mee op de deur van het belastingkantoor; een andere bende deed pogingen om het Stadhuis in brand te steken. Het tumult was grenzenloos, jouwen, vloeken, het zingen van straatliederen overstemde het gekerm der gewonden. Maar eindelijk kwam er eenige verlichting in den algemeenen angst, toen het bekend werd, en als een loopend vuur ging het bericht door de ontzette stad, dat de burgemeester, — overtuigd dat de politie het oproer niet kon onderdrukken, naar Den Haag had laten telegrafeeren om militaire hulp.

Het tweede bataljon grenadiers arriveerde te rechter tijd met een eskadron huzaren; ook naar Delft en Gouda was getelegrafeerd de troepen te consigneeren; in Schiedam werd een batterij artillerie gestationeerd. Het brandpiket der schutterij betrok de wacht bij het Stadhuis, en een korps vrijwillige burgers hield de wacht bjj het huis van den burgemeester.

De militaire macht, die verschillende straten bezette, bedwong het oproer in korten tijd. Aan de hoeken der straten werd een waarschuwing aan het volk aangeplakt, dat er voldoende militairen aanwezig waren, om de goedgezinde burgerij te beveiligen, en dat bjj het minste verzet onmiddellijk van de vuurwapenen zou worden gebruik gemaakt.

En weer wachtte Annemarie in onduldbare

Sluiten