Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

officieren neer-kijken, — nu, dat is me verbazend mee-gevallen, dat moet ik zeggen.

— Ja, hier in Rotterdam, zei tante Keetje, zijn ze niet op 't leger gesteld, dat is zoo, en ... wij waren 't óok niet, voegde zij er beschaamd aan toe. Maar dat komt, omdat onze familie altijd tot de Keezen hebben behoord, — maar, zei ze ijverig, je moet niet vergeten, dat jullie ons levensredders zijn!...

— En, hielp tante Aagje, onze moeder was ook uit 'n militair geslacht...

Niet van het leger houden! dacht Cornélie verontwaardigd, hoe was het mogelijk! Zij behoefde maar even haar knappen neef aan te zien, met zijn blonden knevel en kleinen sik a la Napoleon III, en zijn mooie oogen, die hij aldoor, aldoor, tot verlegen-makens toe op haar gevestigd hield, om zoo warm voor het heele leger te voelen, als ware het de bewonderenswaardigste instelling van de gansche wereld!...

— Nu, ging tante Keetje voort, die De Vletter bleef dan 't volk maar opruien. Hij zette stukken in de kranten, hield redevoeringen op straat, gaf brochures uit, allemaal in de hoop, de ontevredenheid wakker te maken .. .

— Maar met welk doel kan hij dat hebben gedaan? vroeg Otto beleefdheidshalve, want de zaak interesseerde hem alleen maar in zooverre als zij de aanleiding was geweest van zijn komst in dit huis.

— Met welk doel, m'n lieve neef. Natuurlijk met geen enkel doel. Maar de man was krankzinnig. Dat is de opinie van allen, die 't weten

Sluiten