Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Cornélie het maar op haar trouwdag hebben, „daar Cornélie nu toch dood was voor haar." De opmerkingen, die de cadeaux vergezelden, welke de tantes niet wilden laten, haar te geven, vergalden Cornélie al het pleizier ervan, en ze moest zich geweld aandoen, ze aan te nemen, en zich voor te houden, dat alle onaangename woorden der tantes alleen voortkwamen uit hun liefde voor haar. Een eigenaardige liefde, die heel veel van zelfzucht had, vond Peter, vond ook haar moeder, en zelfs Otto, ofschoon hij altijd voorzichtig was, haar niet op te zetten tegen de menschen, van wie hjj zoo'n allergunstigen indruk gekregen had op den avond hunner kennismaking, was het er mede eens. Maar al de jaren van toewijdende zorg, die zjj van de tantes had ondervonden, werkten bjj haar, Cornélie, nog na. En zij vergoelijkte, sprak hen voor, legde alles te hunnen voordeele uit... maar de voortdurende strijd greep haar gestel aan, en matte haar af. Zij zag er bleek en neerslachtig uit, en Aal, die met de handen in de zijden de bruid misprijzend stond aan te kijken, zei met hangende onderlip:

— Foei, wat ziet de juffer weer bleek. Zoo wit, en al dat wit om je heen. Nee, dat staat je niks. Zoo'n bleeke bruid, foei!

Cornélie antwoordde niet. Zij boog haar hoofd overOtto'sbruidsbouquet,van enkel witte camelia's, gevat in een manchet van geplooide witte zijde, en met een breede zijden Monde omzet. Nu nog maar enkele oogenblikken, en zjj zou vrjj wezen, verlost van alles, wat haar in den laatsten tijd

Sluiten