Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat wrokken en haten... En er kwam een onbeschrijflijk trotsche glimlach om haar mond, terwijl zij overpeinsde, dat zij het was, om wie zich voor Cornelius zijn kring gesloten had, om mij, klonk het in haar, en toch zit ik hier, en toch waagt niemand het, mij niet in alle beleefdheid hulde te doen... en toch zit hij daar, Cornelius' zoon, die in alles het tegenbeeld is van zijn overgevoeligen, ondaadkrachtigen vader, — de democraat in handeling en overtuiging, hij, die een der leiders heeft durven zijn, tijdens het De Vletter verzet; toch zit hij daar, een man, met wien men rekening heeft te houden, omdat hij straks, door de al meer en meer veld winnende democratische partij wel eens in den Raad kan worden gekozen, — toch zat hij daar, met naast zich de knappe, aristocratische meisjes, die hem, den onbekenden gast, wel interessant schenen te vinden... 0, er bestond toch wel een vergelding voor alle aangedane kwaad, er bestond toch wel een vergoeding voor alle ondervonden leed...

Zij keek naar haar zoon met een gevoel van triomfantelijk geluk, dat door een innige verteedering werd getemperd. Maar hij keek niet naar haar; hij had een eigenaardige uitdrukking op zijn gezicht, die zij niet van hem kende. Het was met een bijna malicieusen blik, dat hij dejonge meisjes beschouwde, langzaam, onderzoekend, één voor één ...

Zij kreeg een innerlijken schok. Wat bedoelde hij ? Hij bedoelde toch niet...

Sluiten