Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

begon te voelen voor Keetje en Aagje, en zij beproefde hen langzaam-aan te laten bemeten in de afwezigheid van Cornélie, die zoo stralend gelukkig was in haar jongen echt. De oude vrouwen waren triest en moe van het leven; en hun eenige afleiding vonden zij nog in het uitoefenen van liefdadigheid, en hun eenigen troost in hun geloof. En beiden waren zij op hun besluit om Cornélie te onterven terug-gekomen, en hadden hun dierbaar pleegkind toch tot hun universeele erfgename gemaakt.

IV.

Met-belangstellende, liefdevolle aandacht sloeg de moeder van Jenny de ontwikkeling der vriendschap tusschen haar kind en Peter gade. Zij leerde in den geregelden omgang Peter kennen als een koelen, wat stijven, maar volkomen eerhjken, betrouwbaren jongen. Zij waardeerde zijn kracht, zijn standvastigheid, zijn energieken wil, zijn vasthoudend verder-streven, — en zij geloofde, als er liefde tusschen die twee ontstond, haar dochter met gerustheid aan hem te durven geven.

In de argeloosheid harer jeugd sprak Jenny vaak met haar moeder over Peter. Zij vertelde deze haar indruk van hem: in 't eerst, Mama, had ik... ja, eerbied klinkt zoo raar, omdat hij nog zoo jong is, maar in het eerst had ik ontzag voor hem. Hjj verbaasde me zoo. Ik had nog nooit zoo iemand ontmoet. Hjj was niet onvriendelijk, maar zoo ernstig, en hij keek je zoo

Sluiten