Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2 '/» met. diep onder de oppervlakte der aarde, hetgeen meest geschiedt om eene gelijkmatige temp. te kunnen verkrijgen en ook om een hoogeren vochtigheidsgraad aan de lucht te geven. In Engeland en Denemarken zijn de moutvloeren bijna uitsluitelijk bovenaardsch en men vindt er zelfs mouterijen met 3 a4 verdiepen. Dit verschil, in mouterijbouw, met het vasteland zooals Duitschland en Oostenrijk, ligt vooral daaraan dat de lucht op een eiland veel vochtiger is als op het vasteland, en ook dat de temp. in Engeland en Denemarken in het moutseizoen niet zoo wisselvallig is als in de meeste andere Europeesche landen. Daarbij zij ook nog gezegd dat de muren en vensters eene holruimte hebben, dus dubbel zijn, waardoor de warmte zeer slecht geleid wordt; dat het gebouw langs de zonzijde geene vensters bezit en dat men verhoudingsmatig in dikke schicht mout. (Voor 100 kg. gerst rekent men 3,3 □ met. bodemvlakte.)

Men voorziet de mouterij van kleine vensters — en zoo noodig — van luchtschouwen. Een normale, ruim aangelegde moutkelder, behoeft in 't algemeen geene kunstmatige ventilatie, want hier voldoet een openen der vensters gedurende het wenden. Eene kunstmatige verluchting is daar van pas waar eene zwakke luchtbeweging zich door het optreden van een muffen reuk en door neiging tot schimmelvorming laat waarnemen. De verluchting mag in geen geval de temp. al te zeer verlagen, en ook niet zulken trok veroorzaken, dat de temp. hierdoor onreguleerbaar wordt. Men moet de mouterij steeds ruim aanleggen, zoodat het mogelijk is het mout bij lage temp. en in dunne schicht te behandelen. Eene goed aangelegde mouterij bezit eene temp. van 10 a 150 C.

Mekanische kassen-, trommel- of hordenmouterijen zijn, zooals vroeger gezegd, voor kleine brouwerijen en stokerijen niet rationneel; zulke inrichtingen kosten veelgeld en vragen nacht en dag machienale kracht. Om een gedacht van de werkwijze zulker inrichtingen te geven, wil ik hier ineenige woorden de Saladinsche pneumatische mouterij beschrijven : Men weekt de gerst in de nieuwste inrichtingen maar 24 uren, in de oude inrichtingen integendeel laat men naar eerst goed weekrijp worden vooraleer haar in de pneumatische kiemkasten te brengen. Deze kasten bestaan uit gecimenteerd muurwerk en zijn 10 a 15 met. lang, 3 breed en 1 V2 met. hoog; zij bezitten een dubbelen bodem uit vertinde, doorboorde ijzerplaat. Onder dezen bodem wordt de met water verzadigd en op 10 a 150 C. getemperde lucht geleid en door de moutschicht gedreven.

Sluiten