Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wat de temperatuur bij het versuikeringsproces betreft, weze gezegd, dat hoe meer men per hectoliter in de werkkuip stort, hoe hooger men met dezelve gaan kan zonder de diastase te schaden. Brouwers welke dun beslagen of versuikeren, moeten met de versuikeringstemperaturen lager blijven als brouwers welke dik beslagen of versuikeren, om tot dezelfde resultaten te komen.

Met diastasrijk mout moet men ook bij hoogere temperaturen versuikeren dan met diastasarm mout. Wat het uitloogen der bostel betreft, moet men wel weten dat de verhoudingen tusschen suiker en proteïn gedurende de afwasschingen niet gelijk blijven. De suikerstof loogt veel beter uit dan de eiwitstoffen, zoodat in de laatste afwaschwaters de eiwitstoffen in verhouding sterker vertegenwoordigd zijn dan de suikerstofïen (oppassen dus bij het gebruik van filtreerpersen en niet te zeer uitloogen).

Eene werkwijze, waardoor men een dextrinarm bier bekomt en hier in Vlaanderen veel gevolgd wordt, is de volgende : Per 20 hl. roerkuip inhoud, stort men : xoo kgr. tarwe, 180 kgr. lochtmout en 200 kgr. zwaar Poldermout = 480 kgr. of 24 kgr. per hl. In de zomermaanden neemt men maïs of rijst in plaats van tarwe.

Het gemalen graan wordt met zeer weinig water van 85° C. goed vermengd, 30 min. staan gelaten en dan de kuip verder met water gevuld, dat zoo heet is dat de gansche massa eene temp. van 670 C. verkrijgt. Het beslag blijft 1 4/i uur ter versuikering staan ; daarna wordt klaar gefiltreerd en de wort op den kookketel gepompt. De bostel wordt omgestoken en de kuip wederom vol water gelaten, dat zoo heet is dat de massa eene temp. van 70° C. opgeeft. Na V» uur wordt wederom klaar gefiltreerd, en, na de slijmlaag welke zich op de bostel verzameld heeft naar de wanden gereven te hebben, met water van 740 C. uitgewasschen.

Het eerste treksel weegt circa 160 Ball; het tweede circa 70 Ball. en het laatste waschwater o,i° Balling. Volumen der treksels = 50 hl.

Om waarlijk goed smakelijk en bewaarbaar bier te bekomen, moet men de wort minstens 3 uren koken en dit boven direct vuur. Als met stoom gekookt wordt, moet hetzelve van de onderste wanden uit van den ketel en op indirecte wijze en onder drukking geschieden.

Nadat de wort 1 uur lang gekookt heeft,voegt men de helft van de hop toe,en na wederom 1 uur de rest van de hop. Men gebruikt 2 a 3 kgr. hop pro 100 kgr. gestort materiaal. De beste brouwerijen gebruiken geen andere hop als Beiersche, Boheemsche en

Sluiten