Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kool, de glanskool van Zuid-Wales, welke zonder rook verbrandt. Gedurende het eigenlijk droogproces ligt het mout niet dikker dan 20 cm. De brouwkuipen zijn uit hout en hebben meestendeels geen roerwerk; boven dezelve bevindt zich een kanonvormigen malaxeure (het Lawrence'n apparaat) waarin het moutmeel met heet water vermengd wordt. Voor elk brouwsel zijn 2 kookketels met deksel voorhanden. De gewinning der wort geschiedt als volgt : Juist voor het beslagen wordt de brouwkuip door kokend water uitgespoeld, om haar te verwarmen, en daarop toegedekt. Het moutmeel wordt in het mengapparaat onder snelle beweging van het mengwerk met zijn 1 s'4-voudige hoeveelheid water van 750 Cels beslagen. Na deze operatie, welke niet langer dan 15 min. duren mag, laat men langs den loozen bodem water van 90° C. toevloeien om eene temp. in de massa van 66° C. voor Stout en 68° C. voor Pale-Ale te bekomen. Na goed gemengd te hebben laat men het beslag voor Stout 2 uren en voor Pale-Ale 1 '/s uur rustig ter versuikering staan. Daarna wordt de klare wort gewonnen en op den hopketel n° 1 gepompt. Men laat opnieuw heet water langs het schotschkruis op de kuip om eene temp. van 68 a 69° C. voor Stout en 71 a 720 C. voor Ale in de massa te bereiken, en laat voor Stout 2 a 3 uren en voor Pale-Ale 3/4 uurs staan vooraleer men de tweede wort trekt. Men laat nu voor de derde maal water op de kuip en zorgt dat de temp. der massa 2 graden hooger komt dan bij het tweede treksel, laat 1 /2 uur staan en trekt af.

Daarop wordt aanhoudend nagewasschen met water van 76" Cels.. Het 2de en de andere treksels worden in ketel n° 2 gekookt. Het eerste treksel geeft het bier zijne speciale eigenschappen; daarom is het gewichtig dat men bij de zelfde concentratie werkt als de Engelschen.Voor het eerste treksel rekend men op 100 kgr. mout 220-250 1. water, zoodat de eerste wort wel 28° Ball. wegen kan. Van alle Ale's is de Scotch Ale de beste. Men beslaagt het beslag voor deze Ale bij 69° Cels., en versuikert bij 750 Cels., de andere treksels worden alle bij 70° C. gemaakt en de bostel met water van 750 C. uitgeloogd.

Het eerste treksel wordt met de geheele hoeveelheid hop gedurende 2 uren gekookt; daarop wordt deze uitgekookte hop in ketel nr 2 gehangen, waarin zij met de andere treksels nog 2 a 3 uren gekookt wordt. Het gebeurt ook dat men maar 2/3 der hop in den eersten ketel brengt en de rest met de uitgekookte hop in ketel nr 2 hangt. Voor sommige volmondige en pappig zoete Stouts kookt men de eerste wort onder druk (bij 104 a 107° Cels). Door deze behandeling verkrijgt de wort een veel donkerder kleur en

Sluiten