Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vaten merkbaar, in het bomgat vertoont zich een schuim dat er na eenigen tijd bruin wordt uitzien en later weder verdwijnt. Komt dit schuim niet te voorschijn, dan kan de oorzaak daarvan gelegen zijn aan te weinig gistcellen ofwel aan te lage temperatuur.

Zulk bier bevindt zich in gevaar van ondrinkbaar te worden en moet met een weinig krullenbier vermengd worden om de gisting weer in gang te brengen. In vele brouwerijen geschiedt het opgieten van krullenbier regelmatig, ongeacht of voornoemd schuim zich vertoont of niet. Voor een vat van 50 hl. gebruikt men niet meer als 5 liters krullenbier.

Sommige brouwers gebruiken veel meer krullenbier, (6 a 12 liters per hectol.) doch dit geschiedt met een geheel ander inzicht; dezelve bereiden een bier dat jong schijnt, zeer schuimig en volmondig is, en dat snel vertapt wordt. De methode van het krullen, hoe werkzaam en hoe eenvoudig zij ook is, heeft toch ook wezenlijke nadeelen. In eerste linie komt met het krullenbier eene ongewenschte hoeveelheid eiwitstoffen bij het bier in het lagervat, die de houdbaarheid der waar verminderen.Ten tweede, het opgekrulde bier behoudt eenen min of meer te voorschijn komenden «jongbiersmaak » en soms ook « gistsmaak ». Daar bij komt nog dat door het krullen van het bier de brouwer zich vergist in de anders zoo regelmatig verloopende nagisting, zoodat hij denjuisten tijd niet weet te treffen waarop dit bier moet uitgevoerd worden. Het is niet zelden dat de brouwer zulk bier te vroeg aflevert en na eenige dagen, ter oorzake van gisttroebeling, het als retourbier terug bekomt.

Het is dus noodig, voor de bereiding van bijzonder houdbaar bier, af te zien van het krullen met versch aangegiste wort (als middel tot bekomen van een hoog koolzuurgehalte), en in plaats van deze, stikstofvrije krullen (suikerkrullen) aan te wenden, ofwel, het te impregneeren met vloeibaar koolzuur. Dit laatste is vooral zeer aan te raden voor den flesschenbierhandel.

Om het bier in korten tijd gansch klaar te krijgen, doet men er houtspanen op. Eenigen tijd voor het uitvoeren worden de vaten voorzichtig toegeslagen, om het ontwijken van het koolzuur te beletten.

In plaats van deze sponding, die toch maar kort voor den uitvoer van het bier kan geschieden, en die zich niet gemakkelijk den zakengang (Geschaftsgang) laat aanpassen — omdat den eenen keer te veel, den anderen keer te weinig koolzuur in het bier aanwezig is — heeft zich meer en meer de zoogenaamde « periodische » sponding ingeburgerd.

Sluiten