Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gelijkaardige kuip over. Nu blijft het bier nog 15 dagen in eenen kelder bij 2 a 30 Cels. liggen, filtreert, carboniseert en trekt op exportvaten af.

Bereiding van Pilsenerbier.

Voor de bereiding van 1 hl. Pilsener, gebruikt men 20 kgr. mout. De geheele hoeveelheid daartoe aangewend water bedraagt 2 hectol.. Van deze hoeveelheid rekent men voor het eerste treksel 125 a 166 1. en de rest dient als waschwater. Het koken wordt op de wijze uitgevoerd, dat het beslag drij gedeeltelijke kokingen onderworpen wordt. Van de voor de eerste wort bestemde hoeveelheid water worden er Vz met het mout in de beslagkuip, de rest in den kookketel gebracht.

Het mengen van het koude water met het moutschroot geschiedt bij middel van een malaxeur. Nadat men de gansche schroot- en waterhoeveelheid in de beslagkuip gebracht heeft, pompt men van het in den kookketel tot zieden verhitte water (het V3 van het daareven opgegeven quantum) zoo veel bij het beslag, dat de temp. van hetzelve op 30-38° C. verhoogd wordt (Zubrühen).

De eerste Dickmaischkoking met 'A van het beslag wordt op de wijze uitgevoerd, dat de temp. verhoudingsmatig langen tijd onder 750 C. blijft, omdat de diastasen niet te spoedig onwerkzaam zouden worden (10 a 35 min.); daarop stijgt men met de temp.. De geheele tijd, aan deze koking besteed, bedraagt van 15 tot 45 min..

De eertste Dickmaisch wordt onder gestadige gang van het beslagmachien in de kuip teruggepompt en zoodoende de geheele massa op 44-50° C. gebracht. Na eenige minuten beslagtijd,wordt weder V3 van het beslag voor de tweede Dickmaischkoking genomen, welke 20 a 50 min. duurt. Voor de Lautermaischkoking gebruikt men zooveel van het dunne deel van het beslag, dat de temp. der geheele massa, na het terug op de kuip loopen, daardoor op 75° C. komt. Het dunbeslag wordt zoolang gekookt, tot de wort schoon «breekt», dat wil zeggen : tot eene proef snel klaar wordt en er nog alleenlijk groote vlokken van geronnen eiwit en drafdeeltjes te bemerken zijn. Als het beslagen afgeloopen is, wordt het beslag naar de filtreerkuip gepompt, na genoegzaam rusten de eerste wort klaar afgetrokken en de bostel bij middel van het boven opgegeven waterquantum gewasschen.

In plaats van twee Dickmaisch- en eene Lautermaischkoking

Sluiten