Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het diksap, met een gehalte van 8 a 9% suiker, liep uit de cylinders in een verzamelbak en van daar naar de gistingskuipen.

De gistkuipen waren van twee verschillende grootte, er waren er van 62 en van 34 hectol.. Eerst werd eene groote kuip tot op V3 met diksap gevuld en met Vi kilogram zuivere gist in gisting gebracht. Zoohaast de gisting in gang was, voegde men langzamerhand diksap toe, tot de kuip vol was. Wanneer de gisting met volle kracht in gang was, wat men aan de temperatuurverhooging erkennen kon (zij steeg van 220 tot 250 C.), zoo liet men van deze kuip bij het sap in de tweede groote kuip en vulde kuip 1 weder met versch diksap aan. Dezelfde proceduur herhaalde men bij kuip 3. Als nu in alle groote kuipen de gisting goed in gang en de temp. op 320 C. gestegen was, dan verdeelde men de inhoud der drij groote kuipen op de kleine kuipen en liet daarin de gisting ten einde loopen.

Om de gisting onafgebroken voort te zetten, hield men in de groote kuipen lk van het sap terug. (In België is dit weeral niet toegelaten, een kwade, ontechnische geest heerscht over ons arm, verachterd land.)

Nadat de gisting afgeloopen was, werd door een Savalle'schen ruwspiritus-apparaat, eerst ruwbrand van 36 a 40 vol. % en daaruit door een fijn spiritus-apparaat 94 a 95 vol. °/o fijnbrand bereid.

Uit 1 kgr. suiker in het bietensap bevat, bekomt men gemiddeld 60 lit. alcohol a 100 vol. %.

Uit 100 kgr. bieten trekt men 5 a 10 liters alcohol en 4 kgr. absoluut droge voedingsstof (pulp).

In eene Fransche stokerif vond ik vóór de gisting 1 gr. SO4H2 per liter sap, en na de.gisting 2 gr.. Men werkte er met 5,5 gr. fluoruur van sodium per hectol. sap dienende voor stelgist.

De concentratie van het sap kan bij al deze werkwijzen niet hooger gedreven worden dat men er meer dan 5 llt lit. alcohol a % vol. pet. uithalen zou. Vele fabrieken komen zelfs niet boven 4 V* liters. De aciditeit van het vocht, juist voor de gisting, bedraagt 1,5 a 2,0 ccm norm. NaHO %.

Vele bietenstokerijen werken met fluoorgist en voegen 2 gr. natrium-fluoruur per heet. sap aan de hoofdgistingkuip toe.

De gisting is geweldig snel, er ontwikkelt zich hooge schuim, zoodat er veel smeervet dient gebruikt. Men laat de gisting tot op 320 C. stijgen, zij is dan in 4 '/i a 5 '/. uren afgeloopen.

Sluiten