Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

worden : Gerste-, rogge-, tarwe- en gierstmout. Deze stoffen kunnen geheel alleen als gistmateriaal gebruikt worden, doch wijl ze te hoog in prijs komen, gebruikt men ze ook deels in ongemouten toestand, ofwel, men voegt een deel van het op gewone wijze versuikerd hoofdbeslag toe. Toevoegen van kleine hoeveelheden stikstof- en zoutrijke stoffen, zooals : Gistextract, boonen en erwtenmeel is ten zeerste aan te raden.

Eene groote spaarzaamheid in het toevoegen van mout is af te raden, wijl dit meestal maar een schijnbaar voordeel is, waaronder het gistings- en voortplantingsvermogen der gist, gevolglijk de rendementen in alcohol en gist, lijden kunnen. Alle stoffen, die tot het bereiden van kunstgist dienen, moeten fijn gemalen worden. Het water, dat tot het beslagen gebruikt wordt, moet zuiver en vrij van nitraten en nitrieten zijn.

De beslagbereiding geschiedt het best op een der volgende manieren : Men neemt per 100 kgr. gistmateriaal 170 liters water van circa 87° Cels. ofwel 200 liters van circa 83° Cels. warmte, stort daarin eerst het roggemeel met een weinig mout vermengd, en roert gedurende het opschudden zeer krachtig dooreen, tot alles zeer wel vermengd is. De eindtemperatuur moet 63 a 63 V»° Cels. bedragen.

Indien men onder toevoeging van versuikerd hoofdbeslag arbeidt, beslaagt men in eene mogelijk kleine hoeveelheid van hetzelve het toe te voegen mout en de andere stoffen, indien er bij gebruikt worden, vult verder met hoofdbeslag aan en brengt de temperatuur op 63 a 63 l/s° Cels..

In de gistfabrieken neemt men ter zuurdeesembereiding gewoonlijk 12 a 15 %, en in de alcoholfabrieken 5 a 10 % van het gezamenlijk materiaal. De ruimte of inhoudsmaat der zuurdeesemkuip bedraagt in de Weenergistfabriek i5 °/0 en in de spiritusfabrieken ongeveer 12 % der hoofdgistingskuip.

De kuipen, de vorken, de buizen en alles wat met het beslag in beroering komt, moeten uiterst zuiver gehouden worden. Sterke antiseptische middelen zijn hiertoe niet aan te bevelen uit hoofde hunner gevaarlijkheid voor het melkzuurbacilletje. Stoom of kokend water, versch bereid kalkmelk en, van tijd tot tijd, 2 procents vitriooloplossing zijn hier de beste reinigingsmiddels.

Het lokaal, waar de kunstgist ter gisting staan blijft, moet een hoog welfsel bezitten, ruim, luchtig en zuiver zijn.

De beste temp. voor zulk een lokaal is 18 a 240 Cels.

Het versuikeren. Nadat het beslag bereid is en de wanden der kuip door heet water van beslagresten gezuiverd zijn, laat

Sluiten