Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het gebruikte putwater, reageerde alcalisch en had ter neutralisatie, op 100 ecm 6 ccm '/10 norm. zwavelzuur noodig.

Het bevatte circa 15 milligr. kiezelzuur;

150 » koolzure kalk;

140 » zwavelzure kalk;

78 » koolzure magnesia;

32 » keukenzout.

Weenergistfabrikatie in Hongarië.

De spoeling wordt op dezelfde wijze behandeld als in Oostenrijk. Men stort er circa 35 a 40 % maïs, op vele plaatsen mout men dezelve.

Het deesembeslag laat men gedurende 46 uren verzuren in kamers welke op 38° Celsius verwarmd worden.

Men koelt de deesem op 210 Cels. af, voegt de gist toe en laat in het zelfde verwarmingslokaal bij 38° Cels. gisten. Na 8 a 9 uren heeft de gist eene temperatuur van 350 Cels. bereikt en wordt dan tot het aanzetten van het hoofdbeslag gebruikt. Men neemt, evenals in Oostenrijk, geen moedergist af en zet altijd met persgist van daags te voren aan.

Rendement in gist = 14 a 16 °/0. » » alcohol = 26 a 28 %.

Weenergistfabrikatie in eene groote Hamburgsche fabriek.

Gestort voor 1015 heet. : maïs = "500 kgr. [ r ,

moot _ ;»8 : °f '■> gr:

< heet. gistingsrogge „7,8 , ^ *

boekweit = 150 » \ r

De kuipen zijn meestal 75 hectol. groot en worden tot op 65 heet. gevuld. Men gebruikt daartoe 20 hectol. vinasse van 40 Balling. De maïs wordt gedurende '/i uur bij 1 Vs atmosfeer gekookt. De versuikering duurt 1 Vi uur bij 62° Celsius, het beslag wordt op 230 Cels. afgekoeld; als de temp. tot op 290 Cels. gekomen is, is het gistschuim rijp en gaat men tot het afscheppen over. Bij het aanstellen en na toevoeging van 2 liters vitriool, bedraagt de aciditeit 0,50 NaHO. De vinasse heeft eene aciditeit van 0,60 NaHO. Men schept 3 maal per uur. Het schuim is laag doch gehaltrijk. De gist wordt 2 maal goed gewasschen.

De zuurdeesem, van 36 uren verzuring bij 52 a 530 Cels., bezit eene aciditeit van 2,40 NaHO; zij bevat 12 0/o van het gestort en wordt met 6 kilogr. persgist per 1000 kgr. gezamenlijk gestort

Sluiten