Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het weeken der rogge vóór het pletten : op 100 kgr. rogge neemt men 200 a 250 lit. water + 40 ccm vitriool + 40 ccm zoutzuur.

Watervalkracht: V. B. 0,29 lit.water per sec., 18 m. valhoogte

18j= 0,05 paardekracht vermag het waterrad op de transmissie over te dragen.

Etiquettelijm (tegen vochtigheid bestand) : Men voegt het zetmeelkleister of de gomoplossing een weinig aluin of waterglas toe. Verder overtrekt men het opgeplakt etiket met eene dunne schicht kleister en na het drogen nog met copaal- of damarlak. Het copaal of damaar lost men in 95 % alcohol als 1 : xo op.

Bij salpeter- en salpeterigzuurhoudend water doet men wel, als men er wat onderzwaveligzure natron aan toevoegt (1 a 20 gr. per hl.) Het beslag wordt daardoor dunner en filtreert deswege beter.

Ter bewaring van vruchtsappen voegt men 30 a 50 gr. salicylzuur, ofwel 15 a 40 gr. mierenzuur per 100 liters toe.

Dr. Bücheler'sehe Zwavelzuurgist : De beste resultaten heeft men, indien men als volgt arbeidt: Na de versuikering worden 175 cub. centim. vitriool van 66° Bé. op 100 lit. gistbeslag verdeeld, hetgeen een zuurgehalte van 1,1 ccm norm. NaHO per 20 cCm fikraat vertegenwoordigt. Worden er maar 10 ccm vitriool meer gebruikt, zoo heeft men eene mattere gisting en het beslag zinkt niet onder i° Ball.. Hetzelfde heeft ook plaats, indien de vergisting van de deesem te wijd gevorderd is. Zoo bijv. een gistbeslag van 240 Ball. op io° Ball. vergist is, dan wordt de moedergist afgenomen en de rest blijft nog tot op een vergistingsgraad van 8° Ball. staan. Heeft de temp. van het gistbeslag bij de afname der moedergist 240 Réaumur niet bereikt, zoo wordt tot daar verwarmd; is de temp. hooger, dan wordt tot daar afgekoeld. Op xco lit. gistbeslag neemt men 30 lit. moedergist.

Waterpompen : Men gebruikt 20 kgr. stoom per paardekracht en per uur.

Eene pomp, welke in 1 uur 10000 lit. water bevordert, en hetzelve 20 m. hoog stuwen moet (zuig- en drukhoogte), gebruikt 1 Vi paardekracht.

Snel onderzoek van Saccharine : Weegt 1 gr. saccharine af, brengt het in een 30 ccm groot reageerglas, droppelt er vijfvoudig verdund zoutzuur op, tot geen koolzuur meer ontwijkt, voegt er dan nog circa 5 ccm verdund zoutzuur en 10 cCm water aan toe en vergelijkt het uitgekristalliseerd saccharine met dit van een gekend en goed merk.

Sluiten