Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zon-overgoten binnenplaats heb mogen marcheeren!

Je doet net als vee, dat uit den stal komt. De eerste vijf minuten ren je bijna de plaats over, dan gaat het al langzamer, en op 't laatst slenter je genietend wat op en neer.

Alles is dadelijk losser daarbuiten: je heimwee, je denken, je afkeer van de cel-griezeligheden, je hunkeren naar nieuws van buiten: wat de pers zegt van ons demonstratief congres; hoe 't staat bij Verdun en tusschen de Turken en Russen; wat de regeering adviseeren zal inzake den Engelschen eisch over de bunkerkolen en de 30 % laadruimte . . .

In de cel loop je gevaar, over de dingen te gaan broeden.

Buiten schijnt de zon er over. Gods zon.

Ik verlang alweer naar het buiten-halfuurtje van morgen.

De direkteur lei er nadruk op, dat ik ook 10 uur moest „arbeiden", zooals de andere gevangenen. Daar was geen bezwaar tegen. — Maar nu komt de juffrouw daareven met militair ondergoed, waarin knoopsgaten genaaid moeten worden. En ik zit hier als anti-militairist, als aanspoorster tot dienstweigering! Ik mag dat werk niet doen.

Met die boodschap is de juffrouw naar den direkteur vertrokken, de hemden weer meenemend.

Wat er van komen zal? Het reglement noemt onder de straffen, waarmee gevangenen gestraft kunnen worden, ook de „donkere cel".

Dat is geen helder vooruitzicht.

Een uur.

Victorie ! Ik heb met den direkteur opnieuw een onderhoud gehad, met den gunstigst mogelijken uitslag.

Sluiten