Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die hij of de commissie van aanslag in zijne inspectie moet vaststellen.

Op uitnoodiging van den inspecteur brengen de bij het eerste lid bedoelde schattingscommissiën en de commissiën van aanslag advies uit omtrent de regeling van aanslagen, die door een onder inspecteur of eene andere commissie moeten worden vastgesteld.

HOOFDSTUK IV.

Bezwaren tegen den aanslag.

Artikel 45.

Hij die bezwaar heeft tegen den hem opgelegden aanslag, kan binnen twee maanden na de dagteekening van het aanslagbiljet, een bezwaarschrift indienen bij den inspecteur.

Artikel 46.

Op de bezwaarschriften wordt uitspraak gedaan door de commissie of den ambtenaar, die den aanslag heeft vastgesteld.

Is de aanslag vastgesteld door den inspecteur in overleg met den inspectexn' der registratie, dan heeft gelijk overleg plaats omtrent de uitspraak op het bezwaarschrift.

Indien een der inspecteurs het verlangt, wordt uitspraak gedaan door de commissie van aanslag.

Indien de reclamant het verlangen daartoe heeft te kennen gegeven, wordt hij vooraf gehoord. Hij kan ook ambtshalve worden opgeroepen tot het verstrekken van inlichtingen of om de overwegingen te vernemen die bij de vaststelling van den aanslag hebben gegolden. Alle oproepingen worden gedaan op een termijn van ten minste vijf dagen en geschieden, voor zooveel de commissie van aanslag betreft, door den voorzitter.

De reclamant kan, om geldige reden, zich door een gemachtigde doen vertegenwoordigen.

Hij is, desgevraagd, gehouden den inspecteur en den bij artikel 64 bedoelden deskundigen inzage te verleenen van boeken of andere bescheiden, die tot staving zijner beweringen kunnen dienen.

Artikel 47.

Indien de volgens hoofdstuk II vereischte aangifte niet is gedaan of niet volledig is voldaan aan de verplichting ingevolgde artikel 42, tweede lid, of artikel 46, laatste lid, wordt de aanslag gehandhaafd, zoo niet is gebleken, dat en in hoever hij onjuist is.

Hij wien inzage van boeken of andere bescheiden is gevraagd, wordt geacht die in zijn bezit te hebben gehad, tenzij het tegendeel aannemelijk is gemaakt.

Artikel 48.

De uitspraak op het bezwaarschrift is met redenen omkleed.

Afschrift wordt door den inspecteur aan den reclamant gezonden, bij aangeteekenden brief of tegen gedagteekend ontvangbewijs.

Artikel 49.

Hij die bezwaar heeft tegen de uitspraak op zijn bezwaarschrift, kan binnen eene maand, nadat het afschrift ingevolge artikel 48 ter post is bezorgd of tegen ontvangbewijs is uitgereikt, in beroep komen bij den raad van beroep voor de directe belastingen, tot wiens rechtsgebied de gemeente van aanslag behoort.

Artikel 50.

Is de uitspraak gedaan door de commissie van aanslag, dan kan ook de inspecteur bij dien raad in beroep komen, mits vóór de toezending van het afschrift ingevolge artikel 48. Maakt de inspecteur van deze bevoegdheid gebruik, dan geeft hij daarvan bij die toezending kennis aan den reclamant.

2

Sluiten