Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ning van liet inkomen of de winst over elk jaar van vergelijking' groote moeilijkheden met zicli brengen, omdat men op geheugen en allerlei niet vaststaande gegevens zal moeten afgaan. Wordt nu vergelijking met het gemiddelde inkomen of de gemiddelde winst over drie jaren geëischt, dan zullen die moeilijkheden veel zwaarder wegen dan bij vergelijking met het laatste jaar vóór de oorlog uitbrak. Door de vergelijking tot dat jaar te beperken, zal ongetwijfeld de nauwgezetheid der aangifte bevorderd worden. Schade zal daardoor den belastingplichtigen niet licht worden berokkend. Art. 1, tweede lid, waakt er voor, dat de toevalligheden van inkomen of winst over het jaar 1913 op de te betalen belasting niet te grooten invloed hebben.

Ten aanzien van de naamlooze vennootschappen is het volgende op te merken. Yan haar wordt in ons land alleen belasting geheven wegens de uitdeelingen, die zij doen. De winst, die door liooge afschrijvingen, reserveeringen, enz. in het bedrijf blijft, laat de fiscus onaangetast. In volgende jaren komen die deelen van de winst toch aan een uitkeeringsbelasting ten goede. Nu echter deze belasting wegens vermeerdering van de winst wordt geheven, moet de administratie de zuivere winsten kennen, die de naamlooze vennootschappen enz. vroeger behaalden en in de huidige omstandigheden behalen. Natuurlijk geven de balansen, welke ieder jaar bij de inspecteurs der directe belastingen moeten worden ingeleverd, in dezen veel licht. Toch zullen de cijfers dier balansen de zuivere winst over een boekjaar behaald nog niet altijd aangeven, omdat uit den aard der zaak alleen met normale of door buitengewone omstandigheden geboden afschrijvingen en met schattingen volgens de gebruikelijke regels mag worden rekening gehouden en door hoogere afschrijvingen en lagere schattingen dan de genoemde een deel dier winst onzichtbaar kan zijn gemaakt. Daarom wordt ook bij naamlooze vennootschappen, enz. de zuivere winst evenals zuiver inkomen opgevat en berekend volgens de eenigszins gewijzigde toepasselijke bepalingen van hoofdstuk II van de Wet op de Inkomstenbelasting 1914.

Met afwijking van de Wet op de Inkomstenbelasting 1914 zijn als reederijen in dit ontwerp onder de belastingplichtigen afzonderlijk vermeld de vereenigingen van personen, die een of meer schepen tot gemeene baat gebruiken en geen naamlooze vennootschappen enz. zijn. Het komt nl. voor, dat ondernemingen van scheepvaart en visscherij, hoewel de formaliteiten bij de oprichting van een naamlooze vennootschap vereischt, niet zijn nagekomen (op de statuten is b.v. geen Koninklijke goedkeuring bevraagd), toch hare administratie hebben ingericht zooals die bij naamlooze vennootschappen gebruikelijk is. Zulke ondernemingen zijn dan noch naamlooze vennootschappen noch reederijen in den zin van het Wetboek van Koophandel. Zij hebben meestal meer dan één schip. Er wordt niet afgerekend na het eindigen van elke reis met uitkeering der netto winst aan de aandeelhouders (zie artikel 338 van het Wetboek van Koophandel). Integendeel, -er wordt op schepen en inventaris afgeschreven; reserves worden gemaakt; nieuwe schepen aangekocht. Uitgekeerd wordt slechts het bedrag, dat overblijft na afschrijvingen, reserveering en vernieuwing. Er bestaat dus reden voor, deze reederijen op dezelfde wijze als de naamlooze vennootschappen te behandelen.

De belastingplichtigen zijn verplicht in het aangiftebiljet op te geven de gegevens, waaruit blijkt of, en zoo ja, tot welk bedrag er vermeerdering van inkomen of winst is. Vaak zullen de aanslagen in de vroegere bedrijfsbelasting en de overwegingen, die bij den aanslag hebben gegolden of op «•rond waarvan een aanslag achterwege bleef, omtrent de juistheid van sommige dier gegevens licht verschaffen. Ook de kohieren der plaatselijke inkomstenbelasting zullen, althans in de groote steden, de administratie in de gelegenheid stellen die gegevens te controleeren. Meermalen zal echter de administratie van de gegevens door den belastingplichtige verstrekt moeten uitgaan, na die te hebben getoetst aan wat

Sluiten