Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 64. Reeds in § 6 werd er op gewezen, dat voor de heffing dezer belasting accountants, enz. onmisbaar zijn.

Art. 65. Dit artikel werd voldoende toegelicht in § 6.

Artt. 66 tot en met 77. Deze artikelen zijn ontleend aan de Wet op de Inkomstenbelasting 1914 met uitzondering van artt. 70, 73, 74 en 75.

Art. 73. Door dit artikel zijn zoowel de formeele als de materieele bepalingen der wet van 22 Mei 1845 (Staatsblad n°. 22) op de invordering van 's Rijks directe belastingen toepasselijk verklaard, behoudens de afwijkingen volgens art. 129, tweede en vijfde lid, der Wet op de Inkomstenbelasting 1914 en volgens art. 74 van dit ontwerp.

Art. 74. De belasting zal in twee termijnen, elk na drie maanden, worden ingevorderd. Kunnen vaststaande gelden binnen die tijdvakken niet worden losgemaakt, dan kan de Minister van Financiën tegen vergoeding van rente uitstel van betaling toestaan.

Artt. 78 tot en met 89. De strafrechtelijke bepalingen van het ontwerp komen overeen met die van de Wet op de Inkomstenbelasting 1914, behoudens de in § 6 reeds genoemde uitzonderingen.

Art. 90. Volgens deze bepaling zal geen strafvervolging worden ingesteld en ingeval van navordering geen verhooging worden toegepast volgens de Wet op de Inkomstenbelasting 1914, indien uit de aangifte voor deze belasting mocht blijken, dat er ontduiking heeft plaats gehad bij de aangifte voor en den aanslag in de inkomstenbelasting. Anders toch zou vrees voor straf en verbooging, op grond van de Wet op de Inkomstenbelasting 1914, den belastingplichtige, die bij den aanslag in de> inkomstenbelasting den fiscus te kort deed, er licht toe brengen ten aanzien van deze belasting op dien verkeerden weg voort te gaan. Zulks wordt door dit artikel voorkomen.

Artt. 91 en 92. Volgens deze artikelen zal het mogelijk zijn vermeerdering van inkomen of winst over het eene jaar te compenseeren met vermindering van inkomen of winst over het andere jaar, beide voorzoover zij gevolg zijn van den oorlogstoestand. Is reeds wegens behaalde oorlogswinsten belasting betaald, dan zal daarvan zooveel worden teruggegeven als met het oog op de latere vermindering van inkomen of winst te veel is betaald. Die terugbetaling is echter beperkt tot de belasting, die in de twee voorafgaande jaren betaald werd. Zulk een beperking is noodig, daar anders de Regeering zeer lang in onzekerheid zou verkeeren, in hoeverre zij de reeds ontvangen belastinggelden als een definitieve ontvangst mag beschouwen. Ook wordt bij den belastingplichtige het gevoel van een billijkheidsaanspraak op terugbetaling na verloop van tijd minder, terwijl voor de schatkist de terugbetaling, hoe langer de oorlog duurt, des te bezwarender wordt. Is daarentegen nog geen oorlogswinstbelasting betaald, of wordt de genoemde vermindering door de vermeerdering, waarvoor belasting bejtaald werd, niet geheel gecompenseerd, dan zal die vermindering of het na compensatie overblijvende deel als verlies voor volgende jaren gelden.

De compensatie blijft dus beperkt tot verminderingen van liet inkomen of de winst, voor zoover zij met den oorlogstoestand verband houden. Vermogens- of kapitaalverliezen, ook al zijn zij als bedrijfsverliezen te beschouwen, komen voor compensatie natuurlijk geenszins in aanmerking.

Om te voorkomen dat op dit artikel welks toepassing voor de administratie geen geringe moeilijkheden met zich zal brengen, bij elke vermindering van inkomen of winst, hoe gering die ook zij, een beroep zal worden gedaan, is de toepassing tot verminderingen van ten minste f 1000 beperkt.

Sluiten