Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

over de geheele wereld zou oorlog ontbranden.

Broeders bestrijden elkaar en dooden elkaar, zusterszoons verbreken de banden des bloeds, groote rampen treffen de menschen; algemeen is er ontucht — bijltijd, zwaardtijd, de schilden barsten, windtijd, wolftijd, voordat de wereld vergaat — niet één mensch zal een ander sparen. Er komt storm en een winter, die even lang duurt als drie gewone winters, zon en maan worden verslonden, de sterren vallen, bergen en boomen raken los; ook de Fenriswolf komt vrij, en trekt samen met de Midgardsslang, die veraif spuwt, voort. De reuzen komen aanstormen onder aanvoering van Surt, en Loki voegt zich met de bewoners van Hel's rijk bij hen. De Asen worden door Heimdallr gewaarschuwd, wapenen zich en stellen zich eveneens op, gevolgd door de einherjar. Odinn vraagt raad aan Mimir, de esch Yggdrasil trilt en nu ontbrandt de strijd. Odinn valt den Fenriswolf aan, wordt door hem gedood, maar dadelijk door Widar, een van zijn zoons, gewroken. Thorr strijdt met de midgardsslang, doodt hem, doch valt zelf eveneens, de helhond Garmr en Tyr, Loki en Heimdallr allen dooden ze elkaar. Dan slingert de reus Surt vuur over de aarde en de geheele were verbrandt. Dit is echter niet het einde van alles. De aarde verheft zich weer uit de zee met begroeide velden en akkers, die door niemand bezaaid zijn. Widar en Wali, twee zoons van Odinn, zijn blijven leven en gaan weer wonen

Sluiten