Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De bouwvallen te Prasat Khna schijnen de overblijfselen te wezen van een kluizenarij met bijbehoorende gebouwtjes, omgeven door een dubbelen ringmuur. Uit een der opschriften schijnt men te mogen opmaken dat de kluizenarij bekend was onder den naam van Pustakagrama, «Hermitage der handschriften».

Een andere inscriptie van 902—980 bevat o. a. een register van inkomsten en leveringen van rijst, melk, koeken, betel, enz. ten behoeve van twee kluizenarijen: Janapada en Trivikramapada (d.i. de stappen van Visnu, dus onder de hoede van dezen god geplaatst).

Dergelijke leveringen, die men gevoegelijk kan vergelijken met de tinsen en tienden ten bate van kerken of kloosters in Europa, komen veelvuldig voor in den tekst van opschriften bij andere bouwvallen, die naar de platte gronden in Aymonier's werk te oordeelen, hermitages geweest zijn. Een aantal van die oudheden, welke het karakter van brahmanistische heiligdommen dragen, gaan wij met stilzwijgen voorbij, om iets langer stil te staan bij den £ivatempel van Prasat Brah Anak Puas, d.i. «de torens van den als asceet levenden god».

De hoofdtempel verheft zich op een kleine hoogte. Om daartoe op te klimmen begint men met een trap, die leidt naar een voorterras of voorhof waar de overblijfselen van twee torens te zien zijn. Buiten den voorhof, van de Z.W. zijde, merkt men een kleinere galerij op en daarvóór twee zuilen met opschriften. Door een monumentale poort geraakt men tot den ommuurden binnenhof, waar onderscheiden gebouwtjes staan, benevens een zuilengang aan de oostzijde, terwijl de hoofdtempel zich aan den Noordkant verheft. Op een afstand van ongeveer duizend meter ten Zuiden is een groot waterbekken, waarbij een tempeltje en, binnen een ringmuur, een vierzijdige zuilengang.

Een der opschriften, in 't Sanskrit gesteld, is, hoezeer verminkt, voldoende om te bewijzen dat de tekst de oorkonde is van eene schenking van Yagovarman aan den Ganega van Candanagiri, «Sandelberg», vermoedelijk de naam van 't omliggend gebergte. Van de overige opschriften, alle in de Khmertaai, zijn er twee van Süryavarman I uit de jaren 930 = 1008, en 907 = 1015. Van vroeger tijd zijn eenige inscripties van Jayavarman V, waarvan een het jaartal 896=^974 aanwijst. Twee opschriften schijnen van nog ouder dagteekening te wezen, maar de cijfers zijn niet volkomen duidelijk. Uit den inhoud der verschillende inscripties volgt, dat het heiligdom genaamd was £ivapada, «Qiva's voet»; dat reeds vóór de 9de eeuw £aka giften geschonken werden; dat in 't begin dier eeuw Yagovarman zich verdienstelijk maakte door eene schenking aan den Ganega van Candanagiri; dat op 't einde der 9de en in den aanvang der 10de eeuw Jayavar-

Sluiten