Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hoeken van 't onderste terras stonden prachtige figuren van olifanten, van bijna natuurlijke grootte; het inwendige van het terras bevat eene reeks van kleine vertrekken.

Op het tweede terras stijgt men met trappen, welke geflankeerd waren door leeuwen. Ook van dit terras was 't inwendige verdeeld in vertrekjes. Het bovenste terras draagt, zooals reeds gezegd is, vijf torens, waarvan de hoogte niet meer dan tien meter bedraagt. Op het beeldhouwwerk der torens ziet men afbeeldingen van Indra op zijn olifant en van andere figuren uit de Indische mythologie. Verscheiden standbeelden van Brahmanistische godheden, o. a. een schoone kop van £iva, werden in 1882 nog door Aymonier ter plaatse opgemerkt.

Op eenigen afstand westelijk van 't meer stroomt de rivier Siem Reap. Hierover ligt een brug die beide oevers verbindt, recht tegenover een der poorten van de hofstad Angkor Thom. De brug bestond uit een twintigtal bogen, waarvan nog zestien over zijn. Onmiddellijk nadat men de brug overgestoken is, treft men in een dicht en bijna ondoordringbaar bosch de bouwvallen aan van twee tempeltjes, waarvan men veronderstellen mag dat zij den weg van de brug naar de staatsiepoort van Angkor Thom moesten flankeeren. Deze gebouwtjes, die een anderen stijl vertoonen dan men in de oude monumenten aantreft, hebben als geheel weinig merkwaardigs, doch munten uit door den rijkdom van hun beeldhouwwerk.

De rivier Siem Reap maakt bij den NW. hoek van 't bovenvermelde meer een scherpe bocht en stroomt dan in oostelijke richting verder. Ten N. en NO. van dit gedeelte der rivier ligt een geheele groep van oudheden, welke Aymonier samenvat onder den naam van «groep van Prakhan». Hiertoe behooren: 1°. het groote heiligdom van Prakhan; 2°. het hiermee in verband staande uitgestrekte, maar ondiepe en thans drooge meer met een tempeltje in 't midden; 3°. allerlei gebouwtjes nabij den grooten tempel of aan de boorden van het meer, dat men evengoed een vijver zou kunnen noemen.

Deze watervlakte, aan de vier zijden ingesloten door dijken, meet ongeveer 2500 meter van Oost naar West, en 900 tot 1000 meter van Noord tot Zuid. Vlak aan den dijk, oostzijde, is gebouwd een kapel binnen een buitenmuur, met twee poorten welke bekroond zijn met het vierhoofdige Brahmabeeld. De poorten geven toegang tot een buitenhof; daarna komt men aan een gracht, die een binnenplein insluit. Aan de hoeken aan de oostzijde ontwaart men twee gebouwtjes en, in 't midden, het heiligdom in den vorm van een Grieksch kruis. De bas-reliefs stellen vrouwen, zeker wel hemelnymfen voor.

Op het eiland, hetwelk nauwelijks drie meter boven den tegenwoordi-

Sluiten