Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de Rede als hoogste wezen erkent. Van daar dat de Dhyani-buddha's nooit mogen ontbreken in de aan Adibuddha, alias Brahma, gewijde Caitya's, waar zij naar den aard der zaak de lagere plaatsen innemen. 1

Als om de stelling dat het ware wezen van Buddha en het ware wezen van Qiva eigenlijk één zijn nader uit te werken en tevens in 't licht te stellen in welke betrekking Saudasa, al. Mahakala, tot het hoogste wezen, param brahma, staat, laat Tantular onmiddellijk volgen (fol. 120, a):

Aksobhya tatva kita ng Igvara deva dibya Hyang Ratnasambhava sireki Bhatara Dhata |

Sang hyang Mahamara sirastam ikamitabha, £ry Amoghasiddhi sira Visnu mahadhikara ||

D. i. «Gij (Saudasa, Mahakala) zijt eigenlijk Aksobhya, Igvara (een vorm van Qiva), de doorluchtige god; de goddelijke Ratnasambhava is de Schepper; de god Mahadeva (een vorm van Qiva) wijders is Amitabha; de luisterrijke Amoghasiddhi is Visnu de grootmachtige.»

Hier worden twee van de vier opgesomde Dhyani-buddha's met evenzooveel vormen van Qiva vereenzelvigd. Op welken grondslag die gelijkstelling rust, vereischt een omslachtig onderzoek dat ver buiten ons bestek ligt; niets minder toch dan het geheele stelsel volgens welke tusschen geestelijke verschijnselen in den denkenden mensch en de cosmische verschijnselen een mystisch verband gelegd wordt, zou het onderwerp van zulk een onderzoek zijn. Hier is het voldoende de aandacht er op te vestigen dat met ronde woorden verschijningsvormen van (^iva zeiven met Dhyani-buddha's vereenzelvigd worden.

De vijfde Dhyani-buddha, Vairocana, t.a.p. niet'vermeld, is in wezen één met Sutasoma, den hoofdheld, zooals meermalen in 't gedicht verklaard wordt. 2

Met de aanhaling van nog ééne niet onbelangrijke plaats zullen wij onze mededeeling besluiten.

Op fol. 124, b richt Sutasoma tot den boetvaardigen Saudasa, die het monniksleven gaat aannemen, o. a. deze woorden:

1 Volgens Hodgson 1. c. p. 27 «the Dhyani Buddhas, with Adibuddha, their chief, are usually and justly referred to the Theistic school». Wij durven dat niet beslist tegenspreken, maar kunnen het vermoeden niet onderdrukken dat zij evengoed, zoo niet beter, bij een pantheïstisch stelsel passen.

' O. a. fol. 44, a:

singgih yan Parame<? varadhika kitang triporusapati;

(Jrl Vairocana ring tathagata makadi panca Sugata.

De laatste regel luidt in vertaling: «(Gij Sutasoma) zijt Vairocana onder de Tathagata's, aan 't hoofd hebbende de 5 Sugata's».

Sluiten