Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beschouwd wordt, bestaat er niets dan 't Karman. Derhalve welke wezens kunnen dan vóór hun herboorte in de hel leven ? Van de Lokantarika-hel wordt verkondigd dat ze de verblijfplaats is der Preta's, d.i. geesten der afgestorvenen. Het is wel de moeite waard te vernemen wat men van die Preta's weet te vertellen, zooals Spence Hardy 1 mededeelt: «The Prétas inhabit the Lókdntarika naraka. In appearance they are extremely attenuated, like a dry leaf. There are some Prétas that haunt the places near which they had formerly lived as men; they are also found in the suburbs of cities, and in places where four ways meet». Deze voorstelling het behoeft geen betoog— is door en door animistisch en overoud, maar wanhopig in strijd met het leerstuk dat er geen ziel is2. Niettemin is er een heel boek, getiteld Petavatthu, d. i. Preta-geschiedenissen, dat onder de kanonieke geschriften een plaats heeft gevonden. In de verwarde voorstellingen aangaande de Preta s vindt men duidelijke sporen van de vereering van voorouders en afgestorven familieleden. Dit blijkt voldoende uit hetgeen Childers3 zegt:«Many deceased relatives are Petas, and it is a highly meritorious act to place food and drink outside the house for the Petas to partake of when they revisit their former homes». Verder merkt dezelfde schrijver t.a.p. op: «It is to be observed that the Petas answer toboth thePitrs(voorouders) and Pretas (spoken) of Hinduism». Eigenlijke vooroudervereering als godsdienstige instelling bestaat niet in 't Buddhisme; dit is consequent. Intusschen kan men in eenige landen waar de vooroudervereering inheemsch is, zooals in China en Japan, spreken van een aanpassing daarvan aan 't Buddhistisch leerstelsel. Dit is echter een onderwerp dat buiten mijn bestek gelegen is.

Volgens de Buddhistische theorie behooren de Preta's, alsook de helbewoners, tot de klasse van wezens die met den term Opapatika in 't Pali, eenigszins afwijkend in 't Skr. Aupapaduka of Upapaduka, worden aangeduid. «An opapatika satta» — om de uitdrukking van Childers 4 te gebruiken «means a being reborn in another world without the interventi°n °f parents, and therefore as it were uncaused, and seeming to appear

1 Manual, p. 47. Een uitvoeriger schildering van 't voorkomen van Preta's vindt men o.a. in Avadana-fataka I, 242. Er zijn echter Preta's in gunstiger toestand verkeerende en Pretamaharddhika's, d.i. hoogedele Preta's geheeten; o.a. Avadana?. I, 273.

1 Op een plaats in Mihnda-Panha wordt de leer verkondigd dat de wezens in de hellen door hun Karman behouden blijven totdat zij herboren worden. Maar die veronderstelde wezens zijn krachtens de geloofsleer onbestaanbaar en kunnen dus niet behouden blijven.

5 Dict. 379. Avadana9. N°. 46 bevat het verhaal hoe Uttara een bezoek ontvangt van den geest zijner moeder, waarvan een andere versie in Petavatthu II 10 4 Dict. 301. ' '

Sluiten