Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het aantal intr.-pass. deelwoorden of adjectieven met voorvoegsel ta is aanzienlijk grooter dan dat met ka. Zie hier welke ik aangeteekendheb: taJangke, geschopt; tacïavu, uitgerukt, «plucked up»; tarfere, opgelicht; ta(Jila, «durchlöchert» ; ta«?ir i, van zelf drijvende; tatïori, verward geraakt; tadoro, verzengd; tadede, verspreid; tadele en tasova, gestort; tadoka, ingestort (van eenen zieke); tadola, open; takelo en takeu, krom, gekromd; taluva en tasere, losgegaan; tasea, gesplitst, gescheiden; tasuvi, gesneden, besneden; tavorfi, gevild; tavodo, noodgedrongen, genoopt, tegen wil en dank; tavude, opgesprongen. Somtijds staan naast zulke vormen secundaire werkwoordsstammen, die hetzelfde element bevatten; tamusu, afgeknot, naast tamusuka, afkappen; toch is hier tamusu niet juist afgeleid van tamusuka, want het passief van dit laatste is tamusuki; zoo ook tatuki, geslagen, getikt, naast tatuki, met het hoofd tegen iets aan stooten; tawase, scheiden, verdeelen, nauwelijks te onderscheiden van wasea.

Deze voorbeelden zijn voldoende om in 't licht te stellen hoe nauwkeurig F. ta in gebruik overeenkomt met Bat. tar, waarvan Dairisch tër, Mal. tar, een zwakke bijvorm is. Het Day. heeft ta, bijv. in tapatiroh, in slaap gevallen; het versterkte tara duidt de uitvoerbaarheid aan: tarapatiroh, in slaap gebracht kunnende worden. Het Bug. bezit ta; bijv. in tatimpa, open; vgl. F. tadola; zoo ook tasampo, dicht, gesloten; evenzoo het Mak. Dat ta voor tar staat, blijkt uit Bug. tar-akka, opgebroken (om te vertrekken), van den stam akka, oplichten, Jav. Mal. angkat. Hieruit mag men gerust het besluit trekken dat ook Day. ta eigenlijk ta' is, zoodat de versterkte vorm zou moeten luiden taha, doch ik heb reeds vroeger naar aanleiding van ma ra, enz. opgemerkt hoe de verschillende soorten van r-klanken (r, gebrauwde r en tf) afwisselen 1. Strikt genomen komt met Dairisch tër, Mal. t&r het Bug. të overeen, doch dit laatste

alle spraakkunsten der M. P. talen. In geene treedt die meer op den voorgrond dan in T. Koorda's Jav. Gr. (1855); o. a. § 99 waar beweerd wordt: «Eén en hetzelfde woord kan in een zin, zonder eenige verandering van vorm of verbuiging, de plaats van een IndoGermaansch substantief, adjectief en verbum bekleeden.» Ten bewijze wordt dan aangehaald lara, dat even goed met «ziek» als met «ziekte» en «ziek zijn» te vertalen is. Zooveel onjuistheden en, wat nog erger is, halve waarheden als woorden. Het N. Jav. adj. lara ia, zooals de oude taal leert, ontstaan uit a-lara, d. i. eig. Skr. rogin, van lara, Skr. roga. In aku lara (oudtijds aku alara) is er in 't geheel geen verbum, evenmin als in Skr. aham rogl. Vgl. omtrent het spraakgebruik van vormen met tar in 't Bat. in betrekking tot de actieve vormen v. d. Tuuk, Tob. Spr. (2= Stuk, 1867), § 100.

1 Zij moeten zelfs in bepaalde gevallen afwisselen; bijv. bij reduplicatie in 't Ibn.; men moet zeggen bula-buga (grondtaal wura-wu'a); lufu-guf u (uit rupu-'upu), e.dgl., evenals men in 't N. Jav. de herhaling van eene r gaarne vermijdt, en dus loro voor roro zegt.

Sluiten