Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en er is niets vreemds in, dat het F. een surum, het naverwante Pol. daarentegen, gelijk het ver afstaandejavaansch, suru p zou geërfd hebben. Daar p in 't F. hier v zou moeten geworden zijn, en de v veel minder licht met m kan verward worden dan de p, is het meer dan waarschijnlijk dat surum naast surup althans in de moedertaal van F. en Pol. bekend was, zoo niet in de M. P. grondtaal. In elk geval maakt de m van cïurum i deel uit van het stamwoord, en niet van 't affix. Ik vermoed hetzelfde van vakasutfuma, zoogen, oogenschijnlijk van surfu, de borst; zuigen. Dat suiJu, borst, = M. P. susu is, trekt niemand in twijfel; in den zin van «zuigen» zal het ook wel hetzelfde woord zijn. Ook is het niet te ontkennen dat vakasuduma, daargelaten het voorgevoegde vaka, groote overeenkomst vertoont met bijv. O. J. s u s w a n an, N. J. s u s o n a n. Toch geloof ik niet dat s u öu m a geheel identisch is met het Jav. Ngoko ; susu m is veeleer eene varieteit van den Kramavorm sësëp, en geheel en al hetzelfde als Ibn. sussü p, behoudens de verandering vanp in m. Daarentegen houd ik susu n g a, (een kind) opkweeken, voor afgeleid van susu. Door eene andere uitspraak der tweede j en door eene wijziging van de letter, die het affix voorafgaat, wordt een verschil in beteekenis aangeduid. De n ga kan de plaats vervangen van eene klinkerscheidende n. In samenstelling bezigt men den stamvorm susu; dus susuyango, zich zelf koesteren. Nu en dan vertoont zich eene m in ééne afleiding, een andere medeklinker in eene andere; o. a. in vaka-lutuma, laten vallen, terwijl «op iets vallen» 1 ut u k a luidt. Het schijnbare grondwoord lu tu kan kwalijk iets anders wezen dan de jongere vorm van 1 u n t u n, van den wortel t u n, laten zakken, neerlaten, waarvan o.a. Ibn. itun, matun, mangun; Mong. mopotuntun, rombul., Tons. tumonton 1. Lutuka is eene jongere afleiding, lu tuma, eene oudere; in de laatste is de oorspronkelijke nasaal bewaard gebleven, doch overgegaan in de verwante m. Ofschoon er andere woorden met m voorkomen wier aequivalenten nog niet opgespoord zijn, mag men toch gerust beweren dat de affixen mi en ma van de lijst moeten geschrapt worden.

De beurt komt nu aan de k. Deze klank speelt, gelijk bekend is, in 't M. 1. eene groote rol als klinkerscheider en sluiter 2. Eene buitengemeene voorliefde voor den gutturalen klinkerscheider toonen 'tMakenBug., want

1 Lun-tun is een voorbeeld van klankafwisseling, waarvan men de wedergade vindt in Mong. luntung, uiteinde, spits = O. J. tuntung, tungtung. Hetzelfde beginsel ligt ten grondslag aan zulke Jav. woorden als loro, leren, enz. In 'I, Ibn. moeten bij herhaling van een stamwoord de verwante medeklinkers afwisselen; dus zegt men lufugufu; bula-buga, e. dgl.

Ook in 't Idg., hoezeer in mindere mate, is er een ephelkystische ft, al is ze niet officieel als zoodanig erkend. Zulk eene lc ontmoet men in Gr. OVK; in de y. der perfecta,

Sluiten