Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

d. i. «Zij aten dan, de zitplaatsen négen (in getal) zijnde, (terwijl) de tiende zitplaats van Kusoi (was)»; XVIII: «Taan si wayarna en tunau», d. i. «En zijn speeltuig was van goud». Ook vóór andere volzinsbestanddeelen kan

e, an tot nadruk geplaatst worden; bijv. XX: «Sei si tumoro-ma nisiya, en nisiya si mëndo nisiya kaawuna», d. i. «Wie haar treffen mocht, dié neemt haar tot zijne vrouw». Voorts doet het denzelfden dienst als ons declaratief voegwoord dat\ bijv. XXI: «Kimua kamu en siyam biya kan», d. i. «Gij hebt gezegd dat zij weêr hier is». Reeds de omstandigheid dat ons voegwoord dat hetzelfde woord, hoezeer niet hetzelfde rededeel, is als het betrekkelijk voornw. dat, toont dat er verwantschap bestaat tusschen den nadrukwijzer en het relatief. In 't Mad. vervult dan ook se de functie van gewoon relatief en die van Tombul. e, en. Zoo in 't O. J. an niet in dezelfde gevallen gebruikt wordt als het relatief, en evenmin 't N. J. kang overal aan Mad. se, en Tombul. e, en beantwoordt, dan is dat omdat de eene taal fijner onderscheidingen maakt dan de andere. Ons relatief kan niet eens in 't Skr. altoos met het relatief weergegeven worden ; geen wonder dus dat het in 't M. P. talen naar gelang van omstandigheden verschillende constructies vordert, en dat, omgekeerd, een M. P. nadrukwijzer in bepaalde gevallen de functie van ons relatief heeft. Dat het F. e zulk een woordje is, als hier bedoeld wordt, zal zoo straks aangetoond worden als wij over het Futurum te spreken komen. Vooralsnog geloof ik te mogen vaststellen, dat F. e identisch is met het Tombul. e, en in functie, en er is geen' reden waarom het niet ook in oorsprong daarmee zou mogen gelijkgesteld worden. Synoniem met sa is e nooit; een teeken van den verhalenden Tijd is het evenmin. Dit laatste blijkt reeds genoeg uit de verbinding e sa, waarin e zijn gewone beteekenis heeft, al zal het niet altoos licht te onderscheiden zijn van 't enkele s a. Vermoedelijk zal e sa daar vereischt worden waar in onze taal het redeaccent anders ligt dan in volzinnen waarin enkel sa staat1.

In 't Mao. kan de Teg. T. — zoo heet het — aangeduid worden door e vóór,en tegelijk ana achter het gezegde te plaatsen. Dus: «ZJkaranga ana te tamaiti ki tana matua», hetgeen Williams vertaalt met: «Thechildis

1 Wat O. J. an, n aangaat, kan men zeker zijn dat het regelmatig beantwoordt aan een bijzonderen klemtoon in de Nederlandsche volzinnen; mangkana is «zoo», sic; anmangkana «zóó». TJit de aangehaalde voorbeelden heeft men ook kunnen zien dat in relatiefzinnen, bijv. kevaka, indien, Skr. yadi, een e pleegt te staan; om dezelfde reden als in onze taal het gezegde in relatieve zinnen met eenigszins meer nadruk wordt uitgesproken. Nog duidelijker is dit in 't Skr., waar een verbum finitum den toon verliest, behalve wanneer daarop min of meer nadruk valt; het accent blijft dus gespaard na relatief woorden; voorts wanneer het werkwoord den volzin opent, en in een paar andere gelijksoortige gevallen.

Sluiten