Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

awu, asch; voorts Tonsaw. abu-abu, Ponos. en Bent. awoan, griis.

Dredre, onmogelijk, moeielijk. O. J. dede, verschillend, iets niet zijn, ontzettend, vervaarlijk; N. J. dede, iets niet zijn. Vgl. Tombul. rei (dei), niet; Bik. dai, Sam. Ie, Mao. ore, niet.

Drenga ; z. b. Dotoa.

Dro, vluchten ; DRO-TAKA, DROVAKA, wegloopen met, of voor. Mogelijk O.J. drës, snelle vaart, Skr. vega; adrës of madrës, snel, hevig; N. J. dërës. Dat de sluitende s ook in de afgeleide vormen niet meer voor den dag komt, is niet zoo vreemd; ze is gewijzigd bewaard in 't volgende woord.

DrO'?ADRO<?A, vertolkt met, «to be overeager to obtain a thing». Het is echter duidelijk een adj. op an, dat in 't O.J. zou leiden drësan; de eigenlijke beteekenis moet wezen «met aandrang, onstuimig» ; vgl. N. J. andërësi, sterk bij iemand aandringen.

Drodro, stroom; drodronga, weggesleept door den stroom. Drong — O. J. drëng, synoniem van drës; vanwaar dinrëng, voortgestuwd, in Bharata Yuddha 446: dinrëng adrës bubar-nya; N. J. adrëng, dringend verlangen.

Dromu, verdrinken, zich dompelen ; DROMUcU, DROMUf)'AKA, onderdompelen. Sam. lëmo, bijvorm met anderen klinker in de tweede lettergreep Mak. lamasa, Bug. 1 ëma. Als M. P. grondvorm van F. dromurf is aan te nemen d ë m u s, en, met sterker uitspraak der eerste lettergreep: damus. Uit dit laatste is gesproten Bis., Tag. h i 1 a m u s, zich 't gezicht wasschen ; Ponos. (mong)iyamus, Mong. (mo n g)uyamo t,Tombul., Sea.,Tond. riyamus, vermoedelijk voor djamus, na verwisseling.van de linguale met de palatale d. Het Mak. en Bug. woord vertoont eenen bijvorm, die in de grondtaal dam as en dëmas moet geluid hebben. Daartoe behooren ook O.J. k a r a m a s, N. J. kramas en k u d j a m a s.

Drua, dubbel. Bijvorm van Rua, twee.

DRUDRUNGA, villen, de huid of bast afstroopen. Verwant zoowel met N.J. lulang, wëlulang, Mal. balulang, Sumb. mënulang, vel, leder; waarvan Jav. mëlulangi, villen; als met Bis. lulu, bedekking; detrahere tegumentum genitalis; O.J. walölö, waarvan wina1 ö 1 w a n, gevild, afgestroopt.

Druti-A, druti-LAKA, scheuren. O.J. r u n t i n g, gescheurd, in flarden ; N. J. sëbit-runting, in flarden gescheurd.

1. Dua, één. O. en N. J. t u n ggal, Bug. t u n gkë, enkel; Ibn. tunggal, één (streng katoen) ; duizend (daar één streng 1000 draden telt). Dui, elk afzonderlijk. Dit laatste is feitelijk z. v. a. O. J. p a t u n g g a 1 a n of m atunggalan; vgl. Tag. magtunggali, aan ééne bezigheid zich wijden;

Sluiten