Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

óf een voorslag, en dan is a volkomen regelmatig en typisch ontstaan uit of de y vervangt hier op Lampongsche en Mongondousche wijze 1 de gebrauwde r, Philipp. g, Tombul. en Sang. h.

Yala, zich uitstrekken; i-yalayala, grens; yalana, begrenzen. Dit schijnt verwant met O. J. w a 1 ë r, begrenzing.

yalewa, vrouw, van 't vrouwelijk geslacht, bijvorm van Alewa. Vergelijkt men Day. h a b i n a i, hetz., en h a t u a, mannelijk wezen, dan schijnt ya — a aan een Day. ha te beantwoorden.

Yali, afwezig, verloren, weggegaan. Vermoedelijk Jav. alih, verhuisd.

Yalo, schaduw in 't water, schim, een geest, geest. Van denzelfden wortel als ilova (z. d.). Van daar yalova, wenken, een teeken geven aan.

yaloka, ei. De verwanten van dit merkwaardige woord zijn: O.J. han tl ü, hantëlü, Day. hantëloh, tantëloh, Tag., Bis. itlüg, Ibn. ülug, Tonsaw. tëluch, Tombul. atëlu, Sea atëdu, Mig. atody, Sula mantël, Amb. mantëlu, mantëru, gewestel. tërue, ëruë, Bent. tuhu, Sang. tëluhë, Mal. tëlor, Aru tulur, Kei tilur, Rotti tolo, Sawu d a 11 u , Sumb. t é 1 o, Bur. t ë 1 o ' n , M. Ceram t o 1 u ' n , Kisar k ë r u ' n , Borowahing aru, Letti t e r n u (omgezet uit t e r u ' n), Moa t e r a n - n i, Dawalör pe i n t el go, Alor t al u k-u n (voor t al u g - n), Barnusa t ak u 1 (met omzetting uit talug), Timor tëko (voor tëko 1, të 1 og); N. J. en Sund. ëndog. In dit laatste vindt men eene g op Philippijnsche wijze, in strijd met den meer gewonen regel, die in O. J. h a n 11 ü (uit h a n 11 u') gehandhaafd is. Dezelfde afwijking keert in 't F. y a 1 o ka terug, waar k, verscherpt uit g, tegen den gewonen regel voorkomt, evenals ook in tunaka (z. d.). De a aan 't einde vindt haren tegenhanger in den Jav. Kramavorm tigan, duidelijk bestaande uit tiga, synoniem van tëlu, aanh. an. De eerste lettergreep ya beantwoordt ondubbelzinnig aan 't han van 't O. J. en Day., of aan de a (= h a) in 't Tombul., Sea, Tonsaw., Mig. De t is uitgevallen, waarschijnlijk een gevolg van assimilatie, zoodat yaloka in ouder vorm overgebracht zou luiden h a 11 o g a n, nog ouder h a 11 o g a n ofhadlogan ofhandlogan. Uit een hëndlog, moet ook het Jav., Sund. ëndog, ontstaan zijn. Verder af staan Nuf. pënör, uit b ë n d o r u, mëndoru; en Mahaga ki n d o r u , uit t ën d o ru. De verzwakking van t achter de n is regel ook in 't Sumb., alsook in 't Nieuw-Grieksch.

Yamata, verspieder. Natuurlijk van mata, oog, en feitelijk gelijk aan 't Jav. mata-mata, verspieder. De functie van ya is onduidelijk; vermoedelijk is 't hier — O. J. a of h a, zoodat yamata eigenlijk beteekent: «als oog (dienende)».

1 In 't Mong. klinkt deze y in den mond van veel sprekers als eene flauwe gebrauwde r.

Sluiten