Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

LIJST VAN WOORDEN IN 'T SAMOA EN MAORI, MET AANWIJZING VAN HUN VERWANTEN IN 'T FIDJI EN INDONESISCH.

In de volgende lijst zal men alleen dan eene verwijzing naar Indonesische vormen aantreffen, wanneer deze niet in de vorige lijst bij 't Fidjiwoord vermeld zijn. — Om de eindelooze herhaling van Mao. te vermijden, heb ik de Maorivormen tusschen haakjes aangegeven. — De meer gewone afgeleide vormen heb ik onvermeld gelaten, behalve waar ze licht verspreiden over den stamvorm.

A.

1. A, maar, en: F. a.

2. A, lees: è (ka), teeken van den Toek. Tijd; zie bl. 8 hiervóór.

Aa (aka), wortel, vezel. F. waka.

x Al (KAl), eten. F. kan-i. De n verdwijnt tusschen a en i regelmatigin 't Polyn. Van den wortel KAN met aanhechtsel ën komt voorts aaNO, vleesch, oorspr. kakanën.

VAAPU, gezwollen. Vgl. F. bu in bu-kete. De spelling is verdacht, het zal wel aapu wezen.

AÈ (ake), klimmen, opgaan. F. (Jake. Grondv. sakai, blijkens de afleidingen fanaè (whanake), rijzen.

Afa, bui, storm; afatia door storm beloopen. Tag., Bis. habagat, Ibn. abagak, Mal. barat, M. Ceram vahata, Kei warat, Alor wara, Moa, Letti wartë, Aru apara, Binongko bara, Amb. halat-o, Kisar waraka, Sula marabaha, Sawu wa, F. (Java. In 't laatste schijnt 8 onorganisch te zijn.

Afafine, dochter. Daar fafine vrouw beteekent, zou afafine eene verkorting kunnen wezen van ana (anak) fafine. Dat het voorvoegsel a de beteekenis zóó zou kunnen wijzigen, is niet waarschijnlijk.

Afaina (ahatia), door wat gedeerd? Van eenen stam die met Indon. apa, wat? overeenkomt, doch waarschijnlijk uit een bijvorm van apa, n.1. sapa (F. Java) ontstaan.

1. Afe, bij iemand onder weg aangaan, ergens aanleggen. Vgl. Jav. ampir, hetzelfde.

2. Afe, duizend. Misschien hetzelfde woord als Tag., Bis. gabi, Sang.

Sluiten