Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

SALATO of LALATO, brandnetel. F. s a 1 a t o (voor ö a 1 a t o). Beide vormen zijn geredupliceerd, de eene met, de andere zonder klankafwisseling. Met sa 1 ato geheel identisch is Mal. djalat&ng.

salefu, aschpot. Geredupliceerde vorm van Lefu.

Samu, plat woord voor «eten» (hamu, to eat scraps). Jav. tj amu k, kauwen ;Tag. samukmuk, eten.

SANGA, ijverig bezig zij n (HANGA, maken, werken, werk). F. sangasanga, druk bezig.

1. Sau, komen. Jav. dawuh, rawuh.

2. sau, dauw; sasau, sterke dauw; er valt dauw (hau-ku, dauw; haupapa, vorst, ijs). f. (?au, en Tond. sao, Tonsaw. saho, dauw. Andere beteekenissen nog onder Mao. hau (z. d.).

SAUA, tyranniek. F. sau, N°. 1, met achtervoegsel an.

SAWALI, wandelen. Eig. wel «uitgaan wandelen»; samenkoppeling van hetzelfde sa, dat in SAILI voorkomt, en Indon. wali, keeren.

Se (he), één. Bug. se (naast si), ook in se-d i, t j e- d i, se - u wa, Amb. sai, Mad., s e-to n g, Ibn. i t te ; zwakkere uitspraak Bug., Mak. si, en O. en N. J. s i in s i - k i, s i - dj i.

Se, sesë, dwalen, dolen. F. se se.

Sele, snijden. F. se 1 e.

Selu (heru), kam. F. s e r u.

Sema, z. Soma.

SENGA-SENGA, een flauw schijnsel geven. F. singasinga.

1. Si, als verkleinwoord. Jav. s i.

2. Si, pollutio. F. si, sperma.

SlI, van plaats verwisselen. Vermoedelijk Jav. s i 1 i h, verwisselen, en dan is de t in 't pass. SIITIA ingeschoven. De l uitgevallen gelijk in Foi en Sui (z. d.).

1. SlLA, zien ; SILAF-IA, te zien ; SILAF-ANGA, beschouwingswijze, inzicht, gevoelen. Varieteit van Jav. sërëp en surup.

2. SlLA, rauwe visch, in de uitdrukking ai SILA. Ibn., Bik. si ra, Bis. soda, Tombul. së ra, Tag. isda; etymologisch hetzelfde woord als Jav. sëdah.

SlNA, blank. Mal. sin ar, Tag. sinag, Ibn. sinag. Min of meer verwant is O. en N. J. sinang, dat meestal een roodachtig schijnsel uitdrukt.

SlPA (hipa), op zij afgaan of afslaan. O. en N. J. simpar en simpang, op zij afslaan, afdwalen ; zijweg; Sund. en Mal. simpang.

1. SlSlFO, 't Westen (Tonga: HIHIFO). F. ö i v o , windvlaag.

2. SlSlFO in MATA SISIFO, zeker scheldwoord. Eig. wel «scheeloog»; van stam s i s i f, Jav. s i s i p, scheef, schuins, en aanh. ë n.

Sluiten