Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

«vooraf: nda), IHi. ra (Gen. da d. i. nda), Mota iratol, ratol, Sam. latou, (Mal. alleen als poss. aanhechtsel nda), Oj. (si)ra, r, Tag. sila, Iban. da.

23. A.di, wie?Erom.sai,Fi. dei, Mota sei, Fagani ti, Tomb. sei, Tonsea si, Bikol, Sang. i-sai, Bat. i-se; Mao. se, Mad. se wordt gebezigd als betr. vnw. Vgl. ook, hoewel 't woord in 't A. toevallig ontbreekt, Fi. i)'ala, dwaling, fout, Sam. sala (doch Mao. hara) Mal., Jav. salah, Tag., Bis., Tomb., Day. sala, Sumb. djala.

24. A. wai, water; Fi. wai, Mota pei, Sam. wai, Oj. way, wai, Bug. uwae; Erom. heeft umpe, rivier, doch dep moet hieruit we ontstaan zijn, daar elke w, v of b overgaat in p bij aansluiting aan een medeklinker. Het woord ontbreekt in Tag. enz., maar naar analogie van Mao. wiwi, biezen, zou het aan 't begin u, uw hebben; vgl. Tag., Bis., Iban. uay, uway, Makass. uwe, Ponos. uoi, Day. uai, oai, Sund. howe, Tomb., Tonsea ue, riet, naast Tomb. wiwi, Sumb. iwi, rotting.

25. Yas, yas-yas, aanschouwen; Jav. was-kita, duidelijk zien nauwkeurig toezien; Oj. waswas, aanzien, inzien. Yah, kruipplant; Fi. wa, slingerplant; eigenlijk hetzelfde woord als waka, wortel, Aru wager, Nias wa-a, Ambon war; een bijvorm hiervan is Mal. akar, Mak. aka, Mao. aka, Sam. aÈi, Bal. akah; Mal. akar is zoowel «slingerplant» als «wortel»; Mota wakar is de benaming van een groote pepersoort; Mota gae, kruipplant is een bijvorm van akar en wakar. Yilyil, mooi; Fi. we wel i, helder, blinkend.

In bovenstaand overzicht van klankvergelijking, met de daarbij behoorende voorbeelden, zie men niet meer dan een poging om de klankontwikkeling eenigermate onder regels te brengen. Van volstrekte regelmaat kan geen sprake zijn, want het A. vertoont in hooge mate het karakter van inconsequentie en storingen, eigenschappen die trouwens min of meer aan al de stamverwante talen gemeen zijn. Eenerzijds heeft een en dezelfde klank zich om zoo te zeggen gesplitst in twee of meer, die aanvankelijk natuurlijk zeer weinig verschilden, doch gaandeweg zich in verschillende richtingen ontwikkelden, zoodat ze ten slotte aanmerkelijk uiteenloopen. Anderzijds zijn verwante klanken, dezulke die op nabij elkaar gelegen plaatsen in de mondholte werden uitgesproken, samengevallen. Vooral dit laatste, in vereeniging met het dikwijls spoorloos verdwijnen van de slotlettergreep, maakt het uiterst moeielijk de woorden in hun oudere gedaante te herstellen, en toch moet dit voorafgaan aan elke poging tot taalvergelijking. Evenmin als men bijv. een Italiaansch, Fransch of Spaansch woord onmiddelijk kan vergelijken met het Grieksch, Sanskrit, enz., maar 't woord moet terugbrengen tot een Latijnschen vorm, of, zoo het een woord is van Germaanschen oorsprong, tot het oudst bekende Germaansch, evenzoo min kan een Anei-

Sluiten