Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

komt niet goed overeen met A. a en schijnt een meervoudteeken te wezen. Niettemin kan ook a een meervoudsuffix zijn, nl. an, gelijkwaardig met i bij 't werkwoord. Aijama — aikam, uit ikami en 't achtervoegsel a. A ij a u a = # en ikamu — anders is de palataliseering der k niet te verklaren — en a\ vgl. Tont. aitjami, aan ons. Ara = a en r, uit ra, ouder da, algemeen MP., met nog een a. Erom. heeft irora, doch als Accusatief ora; dit bevestigt het vermoeden dat ijam en ij au inderdaad uit ikami en ikamu (vgl. Tont. aitjamu 1 ontstaan zijn; de i is dan hetzelfde voorvoegsel als wat men in ikau aantreft; de u in aijaua is gelijk te stellen met een uit m voortgekomen w; deze overgang is zeer gewoon, zooals men uit de synopsis der voornaamwoorden bij Codrington zien kan. De dualis is gevormd uit het meervoud door achtervoeging van 't woord voor «twee», ro, uit rua, of een versterkten vorm hiervan, te vergelijken metTag. dalaua, twee. De u in aijumrau zal wel een verdoffing der a zijn, en geen wezenlijke u. Het drievoud bestaat uit het meervoud met achtervoeging van taij, drie, uit teli, ouder tëlu. Waarom hier taij, niet seij gebruikt is, valt moeielijk te zeggen; wellicht omdat uit kati tëli werd katteli, kattaij, zoodat de dubbele letter wel in een enkele overging, maar niet in j; ofwel, zooals bij de klankvergelijking reeds opgemerkt is geworden, dewijl om een onbekende reden de oorspronkelijke Pëpët hier in o, verder in a overging. De uitgang a in 't mv. vertoont zich niet in den dualis en trialis, zoodat a op de een of andere wijze een meervouduitgang schijnt te wezen, gelijk ha in Tana. Ah taij staat blijkbaar voor ar (d. i. a + r) taij.

Feitelijk komt de aanduiding van den Nominatief bij 't pers. vnw. in 't A. overeen met hetgeen wij in tal van verwante talen aantreffen. Dezulke bij wie i persoonlijk lidwoord is, bezigen dit als Nominatiefteeken. Derhalve in Mota: i-nau = A. ainyak, iniko =aiek; ineia = aien; enz.; Florida: inau, igoe, (anggaia, omdat in deze taal ook a pers. lidw. is); Gaua: ina, in ik, ini; igid = A. akaija; ikama = A. aijama; ikemi = A. aijaua; inir = A. ara2. In 't Fidji, waarin ko pers. lidw. is, luiden de vormen: ko iau, ko iko, ko koya; ko ikeda, ko ikemami, ko ikemuni, ko ira; ook hier vinden we een / vóór kemami.

Tot de talen die i als pers. lidw. hebben, behoort ook 't Malagasi. Hierin heeft men dus in den Nominatief: 1. izahu (uit iyaku); 3. izy (uit iya); mv. 1. isika (omzetting van ikita), incl. naast antsika, dewijl i en an gelijkwaardig zijn, blijkens Mal. angkau, du, maar Tag. ikau, Day. ikau, Fi. iko; izahay (uit i en? en kai = Tomb. kai), excl.; 3. izy (schijnt

1 Een nadere bevestiging hiervan levert het Fidji, want dit heeft ko-ikemami, koikemuni.

5 Voor nog andere talen zij verwezen naar Codrington o. c. p. 112, vgg.

Sluiten