Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beteekenis bevat ahei misschien 't suffix i. Erom ve is «gaan». Aangezien de begrippen «stijgen, rijzen» en «reizen, gaan» in verschillende talen door hetzelfde woord worden uitgedrukt, kan de wortel van awei zijn we, ouder wai.

aheldaing, to sail, as a passenger; to go on board. Een afleiding van Aheled (z. d.), zeilen, en suffix ani; de eigenlijke beteekenis moet dus wezen: zeilen in, bij, met.

Aheled, zeilen. Uit heled, vermoedelijk verbaalsubstantief van led, Fi. la^a, Mal., Jav., Sund. layar, Day. Bat. rayar, Tag., Bis. layag, Makass. layarü, Bug., Alor ladja, Malag. lay, Sumb. liru, Mao. lare, Aru dalar, zeil. He beschouw ik als pref. Mal. për, Tag., Bis. pag, ofschoon ahe ook voor aha, zou kunnen staan, in welk geval de e ontstaan is door invloed der e in de volgende lettergreep.

Ahelman of ahelmon, overschaduwen. De a voor o, want het woord bestaat uit een prefix en elmon, Oj. (h)alimun, en afgevallen suffix i of an. Het substantief almu is in 't A. «schaduw»; Ero. amoli, met omzetting voor alimo. Tag. alimuum, tenebroso; Njav. limun. Verder verwant zijn Bat., Lamp. kalinu (halinu), schaduw, Tag. anino. Eenvoudiger stam in Espir. S. melumelu. Men ziet hier een dergelijke omzetting als in 't woord voor oranjeappel, limoen; Mota, Sam., Fi., moli, Mal. limau, Oj. limo, Day. limau, Niasch limo, gew. dima, Formosa rima, enz.

Ahen, to roast; ahenhen, branden (als de zon). Hen—Oj. sënö,glans, schijnsel (van de zon), Sund. sönö, vuur. Vgl. Fi. sonosonoua, toornig blikkend.

Ahes, uitkomende, uitgaande van stam hes uit heti, en dit uit vetu, Fi. votu, verschijnen; O. en Njav. wëtu, Makass. batu, uitkomen, voor den dag komen, ergens van daan komen. Ahes is eigenlijk: zijn oorsprong nemende, uitkomende; bijv. is ahes u in wai aien hij kwam uit het water, Matth. 3, 15; ahes is dus een werkwoord, en niet «prep. from», zooals Inglis opgeeft.

AHESMOIJ, gezegend, gelukkig. MOIJ = Oj. mulih, terug gekeerd, moet hier z. v. a. hersteld (uit een ziekte), gezond, beteekenen. Hes komt vormelijk overeen met Erom. ves, vis, goed. Wat den samenhang tusschen de begrippen «uitkomen» en «goed» aangaat, is op te merken, dat in 'tjav. m ë t u o. a. den zin heeft van «goed tieren», en een verwanten overgang van begrippen vertoont andadi, gedijende, zich goed ontwikkelende, van dadi, worden. Men vgl. ook Skr. bhüti, gedijen, welstand, welvaart.

AHNGEI, hooren. Uit a' en rngei, welks r, onmiddellijk gevolgd zijnde door een medeklinker over is gegaan in h, evenals bijv. in ahtaij. Erom. oringi, Tana raregi; de i aan 't einde is 't suff. i, waardoor 't wkw. als

fel

Sluiten