Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

AHPAS, to praise; to speak softly to, but do nothing. Pas is mogelijk Sesake v a s a, spreken, doch de oorspronkelijke klinker moet ë zijn, en dus ware e te verwachten in A.; Fate fi sa of bisa, Flor. b osa, Fi. vosa.

AHPOI, slaan met de vlakke hand; binden. Mota, Merlav vus, slaan, Motlav wuh, Arag wehi; Saa rapusi, waarin pref. ra, uit ar = A. ah. Nengone wose is «binden»; Fi. vu si, Tam. fusi, toeknoopen; O. en Njav.,Tomb.,Sund. apus, band,Bis. gapus, Mao. aho; Oj. angapusi, binden. Het is de vraag of niet twee stammen samen zijn gevallen.

Ahpopo, in de handen klappen. Zie Ohpoihpoi.

ahpopones of ahpapanes, 't gelaat bedekken. Popones, papanes, redupl.van pones, panes; ouder bënëti, Fi. bonot-a ofvonot-a, opstoppen, afsluiten; Mota wonot, iets dicht drukken, Flor. vongoti; Oba aonosi, sluiten.Jav. pënët, toedrukken,Tag. pinid, Bis. ponod, verstoppen; muiier nimis arcta; Tomb. pënët, waarvan mënët, de deur dicht maken; pë pënët, deur;Polyn. opuni, sluiten. Vgl. Atapnes.

Ahre, tosweep, to fray away. Sesake soro, to sweep; sorovi, to pour away; Mota sara, make to pass away. Hre is hra, uit sëra of sara en suffix i, zoodat ahre beantwoordt aan sorovi, sarav; en daarenboven nog het bekende prefix heeft.

AHRE-APNES, costive; stopped. Maar a p n e s, uit-f" p ë n ë t i is is een actief, beteekent dus «stopping'».

Ahren-ahren of Aren-aren, fijn; Mal. rëniq, fijn (als regen, bloemen); Bug. renl.

Ahrinc-AHRING, regen vooreen korten tijd. Oj. rëngrëng, Nj. rëndëng is «regentijd»; ahring-ahring kan een suffix an verloren hebben, en wegens de verdubbeling den zin hebben van «eenigszins lijkende op den

regentijd, regenachtig».

ahtahni, eindigen. Tahni is «geeindigd»; dit, gesubstantiveerd, wordt verbonden met het prefix, waardoor een werkwoord gevormd wordt. Voor den stam hni vgl. Ahni. Verscheiden werkwoorden zijn op dezelfde wijze gevormd, o.a. AHTAMUD,doorbreken, doorsnijden; tamud=Fi. tamusu. Ahtaliek, het doel missen; vgl. Taliek, verkeerd (z. d.); e. a.

Ahtai, verkoopen, weggeven. Erom. tai.

AHTAIJ, zij drieën. Voor ar, en dit uit a (subj.) ra, zij, en taij, drie, dat se ij is, wanneer geen medeklinker voorafgaat.

AHTAU-SE, bijvorm AHTAAG-SE, een plaats geheel verlaten. Blijkbaar verwant met Mota vitag, vtag, away from; toa vitag, go away and leave.De h is dus een overblijfsel van pref. hi uit vi, dat hier geenDesideratief vormt, maar met het Causatieve p i in Makass. en Bug. te vergelijken is. Tag is de stam van 'tbijw. en voorzetsel itag, achter, buiten, en van

Sluiten