Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Van me rit is de uitgang «afgevallen, na in de voorgaande lettergreep den overgang van e in i bewerkt te hebben, doch vóórdat de t door de i een j was geworden.

MESE, droog. Fi. ma da, Makass., Bug. mara, Iban. mamaga, Tag., Bis. mala, mamala, Rottin. mada.

Meto, rijp. Hetzelfde woord als meto, oud; z. d. onder de IN.

MOHOIJ, hooren op een afstand. Eig. te hooren krijgen; van ma of më en hoij, andere uitspraak van heij, uit dengi, dit uit dëngë .

MoiJ, zeer. Motlav mur, vol. Mo ij zal wel «ruimschoots» beteekenen; en verwant zijn, schoon niet identisch, metJav. murah, ovei vloedig, waarmede in allen gevalle Motlav m u r te vergelijken is.

Molmol, waggelen. Erom. mol (mival), vallen. Vgl. Jav. o wa 1 awi 1, heen en weer wiggelen; uwal-uwil, weifelen.

N.

Van de woorden, die Inglis opgeeft met het lidwoord, is dit in de volgende lijst weggelaten.

Adiat, dag. Fate liati, daglicht. Sesake aleati is «licht geven». Dit leidt tot een stam liat, Oj. en Mal. lihat, st. van zien; adiat is dus «lichtend».

ADIN, de borst. Hetzelfde woord als HADIN, zonder de k.

Adu alep, jongen. Vermoedelijk eigenlijk «boodschaplooper», want alep (tas alep) is bevel; en adu, gaan, komen ; z. EDUMOIJ.

AFETU of AFOTU manava, hart. Beide woorden hebben een zeer ouderwetsch voorkomen, geheel in strijd met het hedendaagsche klankstelsel van

A. Daarom schijnt het niet al te gewaagd in AFETU, AFOTU een ouderen vorm te zien van Ahes, doch dan in den zin van «uiten» (Jav. awëtu), gesubstantiveerd «uiting». Manava is Sam. manawa, ademen, leven, pols, buik; Mao. adem, buik; geest, zin; manawa re ka, vergenoegd zijn ; Mal., Jav. nawa, ziel; Makass., Bug. nawa, gedachte; Bug. ininawa, Makass. nawa, ziel. Eigenaardig, doch begrijpelijk is de overgang van beteekenis bij Jav. manawa, dat alleen over is gebleven als veronderstellend voegwoord «indien»; eig. «veronderstel»; vgl. 't gebruik van Engelsch «suppose». Afetu manawa is vermoedelijk «gedachtenuiting».

Angesenga, zon. Sen ga is Fi. sin ga, zon (vl. singasinga, Sam. sengasenga), Makass. singarè, daglicht. Blijft over an ge, dat vermoedelijk met S. Cruz n a n g a, zon, samenhangt.

Ango, gedaante, voorkomen, kleur. Mota nago, gelaat; Oba nago, S. Cruz nango, Sesake nako, voorkomen; Oj., Nj., wan gun, gedaante ; Tomb. w a n g u n, fraai; Fi. y a n g o, lichaam.

Sluiten