Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

AmARERO, bedrevenheid, wijsheid. Moet eigenlijk «welbespraaktheid» beteekenen; want Sam. alelo, Mao. arero is tong; Mao. korero, Hawaii olelo, spraak, taal, gezegde. Marero is dus «bespraakt,; de voorafgaande a een gevolg van verkeerde woordafscheiding.

amasaki, melaatschheid. Eig. masaki, ziek; Sesake masiki, 1 lor. vahagi (vormelijk = Jav. pasakit), Oj. masakit, Mal.^Nj. sakit, ziek, ziekte, 't Woord schijnt in 't A. niet oorspronkelijk, dewijl 't behoud der k tusschen a en i tegen den gewonen regel aandruischt.

aopan, tijd. Ontbreekt bij Inglis, maar is de gewone vorm inde bijbelvertaling voor Opan.

Ap, inlandsche mat.Mota.Lo epa, Maewo eba, Gog, Sasar, Volow eb, Rotuma eap, Fi. ibi, Mosina apa, Lakon ap.

Apuke, a mound or hillock for yams. Fi. buke-buke, aardhoop; Mao. puke, heuvel, berg; Sang. wukidë, bukidë, Oj., Nj. wukir, Bis., Iban. bukid, Mal. bukit, Malag. vohitr*, Makass. buke, berg. Tag. bukid is «akker»; (a)puke vormt als het ware den schakel tusschen deze toepassing van 'twoord en die in de overige talen. Vgl. ook Mota ga-wug, grafheuvel.

Arasin, de huid; de huls (van iets); n'arasin n'obohtan, the surface of the ground. Het grondbegrip is dus van oppervlak en dit brengt ons van zelf op Sang. d a s i (r a s i), wat (er) boven op (zit); Makass. r a t e, boven; van een w. das, waarbij behoort Nj. ëndas, Oj. t ëndas, ook

tëras, hoofd. .ja

Arin of Ahri, omheining; a r i n' e o m, heg. Een gesubstantiveerd ari,

met doorns voorzien; z. d.

ArUPOING, mist, nevel. Bevat poing, donker.

Aru tu matonga, Noord-Oostenwind. Tumatonga is vormelijk hetzelfde als Marqués, tu vatone (behoudens dat dit va, niet ma heeft), Zuid-Westenwind; Sam. tonga is «'t Zuiden». Tonga kan kwalijk iets anders zijn dan Jav., Mal. enz. tëngah, middelpunt. Dat middelpunt moet voor de Samoanen, Marquesanen, Aneityumers in verschillende richting gelegen hebben. Ik veronderstel dat met «t ë n g a h» bedoeld is het binnenland, hoogland van ieder eiland. In veel gevallen worden bij de volken der

MP taalfamilie de windstreken aangeduid naar gelang van de ligging es

binnenlands tot de zee. Bij de Javanen bijv. is de zeekant Noord (lo r) bij de Madureezen Zuid, bij de Formosanen der Westkust West. Voor de Madureezen is daya Noord; bij de Iloko's daya, Oost; bij de Pampanga s pura-laya, Noord; voor de Niassers is miraya, zuidwaarts. Uit deze benamingen voor de windstreken kan men meestal ook opmaken welke kust van een eiland 't eerst door de aankomelingen bevolkt is geworden.

Sluiten