Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Jawel meester, dit is ..

„Je sommenschrift, Piet."

„O, dan heb 'k me vergist."

Weer grabbelden Piets handen in den lessenaar. Zijn taalschrift, goéie genade, waar was dat akelige taalschrift nou ?

„Heb je 't niet Piet? Zég het dan asjeblieft!"

„Neen meester, 'k zie het niet."

„Heel goed. Vanmiddag tweemaal de oefening blijven maken. Wie volgt."

Piets lippen trilden. Alweer er bij! Nog geen twee minuten op school, of reeds gestraft. Och och, wat was hij toch een ongeluksvogel!

„Stommerd," fluisterde Gerard Breedendam, die naast hem zat, „je schrift ligt op den grond."

Snel bukte Piet zich... en ja daar lag't verloren schaap.

„Meester, ik heb mijn taalschrift al!"

„Hoe kom je er nu ineens aan ?"

,,'t Lag op den grond, meester."

„Zoo, en is dat de plaats voor je schriften ? Ik zal je een slechte aanteekening geven voor je verregaande slordigheid en je maakt voor mij vanavond thuis het werkwoord : niet slordig zijn. Wie volgt."

Sluiten