Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Oom te vertellen van Indië, van het leven op de plantage, en daardoor werd Piet zóó ingepalmd, dat hij dadelijk wel op reis had willen gaan. En als Moe niet geroepen had : „Piet denk om de school!" dan had hij misschien om kwart over twee nóg naar oom zitten luisteren.

Tot zijn grooten schrik was het vijf minuten vóór twee. Haastig nam hij afscheid van pa, moe en oom, vloog de straat op, bonsde tegen een agent aan, kreeg een draai om de ooren en kwam hijgende in school aan, juist toen de bel luidde.

Toen men dien avond om vijf uur gegeten had en moe zeide, dat zij eerst tegen zeven uur visite verwachtte, stelde oom zijn neef voor, samen een kijkje in het stadje te gaan nemen. Piet had daar niets tegen en al wandelende kwam hij meer en meer tot de ontdekking, dat Oom toch wel verbazend veel met hem moest ophebben. Was dat nu alleen om dien naam ? Och, ja en neen. Oom was ongetrouwd en had op de koffieplantage bij Soerabaya een vrij eenzelvig leven, daar er in den omtrek slechts op groote afstanden beschaafde Europeanen woonden. Daarom was de ontmoeting met zijn

Sluiten