Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

goed en wel op zijn kar, toen de andere jongens al aan het einde van de straat waren. Piet zette er een flink gangetje in en had hen bijna weer bereikt, toen hem eensklaps te binnen schoot, dat hij zijn broodjes met ham vergeten had, die moe juist zoo zorgvuldig had ingepakt. Die gedachte deed hem snel het stuur wenden, wel wat al te snel, want de fiets sloeg om en Piet lag er op. Misschien ook lag Piet er onder, want men kon er eigenlijk niet goed uit wijs worden. Na een oogenblik in die schilderachtige houding op straat gelegen te hebben, begon Pieter op te staan. Daarna keek hij eens naar de ramen der huizen, of daar niet verschillende menschen zijn toer bewonderd hadden. Vervolgens stapte hij weer op de fiets en reed naar huis terug, om even de broodjes te halen.

„Wat is er nu weer, jongen?" riep Moe verbaasd. „Ben je nog niet in den Haag?"

„Och, 'k had de broodjes vergeten, ziet u, en . . ."

„De broodjes? Weineen jongen, die heb je onder het zadel gebonden, 'k heb 't zelf gezien."

„Oóó.... had U dat eerder gezegd .... dan zou ik ...."

Sluiten