Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Piet dacht dat de grond onder zijn voeten wegzonk, want die heer was... Oom Pieter uit den Haag!

„Spreek, jongen, wat is er?"

„N — niets, Oom — ik — ik..

„Ja, ik begrijp het al! Mijn lieve neefje is weer aan het streken uithalen! Jóngen, wanneer zal je toch eens verstandiger worden! Ben je dan heelemaal het geval met sinjeur de Water vergeten? Komaan, denk nog eens goed na, over hetgeen ik vroeger al eens met je besproken heb. Ik moet nu verder, misschien ontmoeten we elkaar vanmiddag nog. Bonjour, Piet!"

„Dag Oom," zei Piet beteuterd.

De auto verdween, en totaal verslagen keek Piet haar na. Toen werd hij opeens uit z'n gepeins opgeschrikt door een man, die als een wervelwind in zijn richting kwam aanstuiven.

Groote genade, de tuinman!

Oogenblikkelijk zette Piet het op een loopen, daar hij wel begreep, dat de tuinman nu niet precies zoo haastig kwam aanhollen, om de vredespijp met hem té rooken. En had Piet flinke beenen, de tuinman had ze ook en het begon er voor Piet leelijk

Sluiten