Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uit te zien, toen de man op hem won.

Met bovenmenschelijke inspanning trachtte Piet den afstand tusschen hem en zijn vervolger te vergrooten, maar het mocht hem niet gelukken. De lange beenen van den tuinman maakten reuzensprongen en tot overmaat van ramp struikelde Piet over een boomwortel en viel.

In één oogwenk was de tuinman bij hem en

greep hem bij den kraag.

„Haha, mannetje, dat had je niet gedacht hè? Nou zal ik jou eens leeren spuiten! Maar wat is dat? Waar heb ik jou méér gezien? Wacht eens even ... hola, ik ben er. Was jij niet de jongen, die mij van den winter die bloemenmand uit de handen liep! Ja, ik zie het, je bent 'm! Dus heb ik je voor de twééde maal te pakken! Dan nog maar eens flink over de knie!"

En de daad bij het woord voegende, tracteerde de tuinman den ongelukkigen Piet op een flink pak rammel.

„Ziezoo, vrind," was het waardig besluit, „en leer nou van mij, dat een ezel zich nóóit tweemaal aan denzelfden steen stoot. Atjuus... en beterschap!"

Sluiten