Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hij liep nog eens den moestuin op en neer, lette in 't geheel niet op den vogelverschrikker en keerde onverrichterzake terug. Maar Loe's list was door een boerenarbeider opgemerkt. Deze liep wat hij loopen kon om het den veldwachter te vertellen, maar terwijl deze op eenigen afstand het verhaal van Loe's streek aanhoorde, had de jongen weer gauw den vogelverschrikker in zijn vorigen vorm hersteld en was daarop zelf in de heg weggekropen.

„Kijk maar," zei de boer tot den veldwachter, wijzende op den vogelverschrikker, wiens mouwen zacht door het windje werden bewogen, „je kunt duidelijk zijn armen zien bewegen!"

„Slim is-t-ie, maar wij zijn toch nog slimmer," sprak de veldwachter vergenoegd. Wéér sprong hij over de sloot, weer kroop hij door de heg en daarbij stortte hij zich met een zegevierenden kreet op den vogelverschrikker.

„Ha mannetje! Nou heb ik je!... Au!"

De veldwachter sloeg met een smak, in gezelschap van een oude jas, 'n broek, n hoed en een

paar latten, tegen den grond.

De boer, die op een afstand dit tooneel

Sluiten